heb ik het goed gedaan?

Stel nou dat het zo is, dat van dat reïncarneren, dat je een leven kiest om bepaalde dingen uitwerken. Het eerste wat dan bij me op komt is: “What the fuck was I thinking? How could this ever be a good idea?”
En al doordenkende: Dan wil ik bij mijn dood wel een replay, met uitleg, van mijn  beschermengelen. Zien welke levels ik gehaald heb en waar ik punten heb laten liggen. Dat ze me alles laten zien. “This is where we saved your ass!”

Dat is een grapje, maar grapjes komen ergens vandaan. En zo kom ik op het spoor van een hele diepe interne overtuiging. Ik heb er kennelijk nogal wat. Vorig maand rekende ik af met: “Ik word alleen geaccepteerd als ik onzichtbaar ben.”

Degene die ik net op het spoor kwam is:

“Heb ik het goed gedaan?”

De huilbui die me hierbij overvalt zegt me dat dit er inderdaad eentje is. Een hele oerdiepe overtuiging.

Als er iets is dat me uit het NU trekt is het deze wel. Want het NU telt niet, het NU is pas achteraf oké, als blijkt dat ik “het” goed gedaan heb. 

Ik kan intussen steeds beter in dat NU zijn. Een deel van mij kon dat altijd al. Maar ik weet nu dat een deel van mij er nooit is. Een deel van mij wacht het oordeel af.

Dat oordeel kent verschillende spanningsbogen. De kortste is social media, daar krijg je meteen reacties op wat je doet, dan volgt dit blog, waarbij ik er intussen aan wen dat er amper reacties komen, maar toch: het staat er intussen wel, mijn gedachten in mooie zinnen.

Dan zijn er mijn projecten. Het kinderboek dat ik schreef, het theaterstuk dat ik maakte, en de grotere: een goede juf worden, of een goede coach, een schrijver, of een fantastische spreker.

Ik heb alles losgelaten, behalve mijn boek en dit blog. Die vormen een soort verantwoording, ongeacht wie het leest. En daarnaast is het een vorm van ambacht om het mooi te verwoorden, en gek genoeg heb ik daar geen oordeel meer over nodig. Ik ben goed. Ik heb alleen een leermeester nodig om beter te worden.

Misschien dat ik daarom weer ben gaan programmeren. Dat heeft een objectief, meetbaar en instant antwoord op de vraag of ik het goed gedaan heb. Ik weet nog hoe lekker veilig dat vroeger was, toen ik eindeloos met een zelfbedachte opdracht bezig was, en nu, ondanks de frustratie, voelt het weer zo. Want als het uiteindelijk werkt heb ik het goed gedaan. Niet dat lullige: wel-veel-complimetjes-maar-die-ene-kritische-opmerking-die-bij-je-blijft, nee gewoon 100 % goed! 1)

Maar de allerlangste spanningsboog is mijn leven. Dat ik straks de replay zie, en dat ik dan te horen krijg dat ik een kluns was maar wel een dappere,

En ook hier geldt: steeds vaker voel ik dat ik hier en nu oké ben, dat ik ben wie ik ben, dat ik ben waar ik ben en dat dat oké is. Dat kan ik dan ook helemaal voelen. Ik kan dat mezelf gelukkig geven nu.

Maar mijn tranen zeggen dat een klein maar belangrijk deel van mij nog steeds af wacht, en heel erg graag wil weten of ik het wel goed gedaan heb. En dat stuk houdt al heel erg lang de adem in. Het mag wel eens een keer uitademen, ik kom er vast nog wel achter hoe.

 

1)
Ik weet het, een goed werkende code kan rommelig geschreven zijn, zodat het nóg eleganter kan, maar toch: het doet wat het moet doen. Wat ik bedacht had werkt. En dat het beter kan, daar geldt hetzelfde als voor mijn schrijven: het kan altijd beter, maar dat verandert niet dat het nu al goed is.

 

Naschrift:
(ik heb veel naschriften, steeds als ik een blog schrijf, gebeurt er iets dat met dat blog te maken heeft, alsof ik dingen oproep)

Ik kreeg een appje van mijn schrijfcoach. Ik had 50 pagina’s herschreven. Ze vertelde dat ik dat heel erg goed gedaan had en dat ik trots mocht zijn op mijn prestatie. Ik was al trots, ik vond dat het me gelukt was, deze herschrijf, beter zelfs dan ik verwachtte. En toch voelt de bevestiging van een professionele schrijfster en schrijfcoach erg fijn.

niet opgeven

 

Ik leer mezelf JavaScript, met een boek (zie boven). Het gaat langzaam, heel erg langzaam. Ik zit nu zelfs een beetje vast. Ik snap de code hierboven, maar ik heb mezelf opgedragen om het dieper te snappen dan ik het nu snap. Het wordt straks alleen nog maar moeilijker, en dan is het beter om een goede basis te hebben en niet te snel over dingen heen te stappen.

Als je geen zin hebt in wat uitleg over programmeren, kun je het cursieve stuk overslaan.

Over dat plaatje hierboven. Dat gaat over recursie, het Droste effect zeg maar. Een stukje code dat steeds zichzelf oproept totdat het een resultaat heeft. De opdracht is om bijvoorbeeld 24 te vinden door te beginnen met 1, en dan OF +5 te doen OF *3. Dat doet de code hierboven door eerst +5 te doen.  Als het dan nog niet bij 24 is, roept het zichzelf op, en komt dus weer bij de keuze om +5 te doen of *3. Die * 3 komt pas aan bod als de +5 zijn doel voorbij schiet (groter dan 24).  Intussen houdt de code ook nog bij welke stappen er gemaakt zijn door aan het zinnetje dat de oplossing moet laten zien (hierboven ‘history’ geheten) steeds +5 of *3 toe te voegen (met haakjes).

Het zoeken naar de oplossing gaat dus op een domme manier: gewoon alle mogelijkheden uitproberen tot je er eentje vindt die het goede antwoord geeft. Geen slimme shortcuts. Geen spoortje kunstmatige intelligentie. Makkie dus. Maar toch.

Wat me dwars zit is dat je een hele reeks foute +5-en en *3-en doet voordat je bij de goede oplossing komt. Dus steeds als je een doodlopende weg tegenkomt, moet je de boel weer oprollen en terug naar de splitsing die je nog niet uitgeprobeerd hebt. Dus de code heeft bijvoorbeeld  1+5+5+5+5+5+5 “genoteerd” in de ‘history’ en komt er dan pas achter dat dit niet werkt. Het moet al die verkeerde stappen als het ware weer vergeten en uitgaan van het punt waarop het opnieuw begint, en de ‘history’ die daarbij hoort.

Javascript onthoudt die dingen voor je. Elke keer als je een functie aanroept (een stukje code dat is voor je doet en dan het antwoord terug geeft) onthoudt het de beginsituatie. Dat heet een “STACK”. Mooi woord want het stapelt steeds gevevens van de nieuwste situatie bovenop de oude, en het kan er ook weer stuk voor stuk afhalen, zodat die ‘history’ niet ook nog alle foute geprobeerde oplossingen aangeeft. JavaScript weet dus waar je gebleven bent. Dus het doet wel die eindeloze plus vijven (en zelfs de nodige *3en tussendoor) maar daar merk je niks van, het antwoord dat je krijgt is “+ 5 gaat hem niet worden” (NULL in computertaal, niet te verwarren met 0) . Het heeft een stapeltje briefjes geschreven om bij te houden waar het is, en zelf ook weer het hele stapeltje één voor één afgelegd. Je hoeft je daar helemaal niet druk over hoeven maken.

Die || betekent OF. Maar het is in combinatie met de STACK wel een heel krachtige OF. Het zegt: “als die +5 na al dat uitproberen niks wordt, vergeet al dat uitproberen , gooi alles wat je aan oplossingen opgeschreven hebt maar weg en doe dan maar * 3  en dan gaan we op dezelfde voet vrolijk verder”

Mooi, maar dat is voor mij een black box die ik wil begrijpen. Hiervoor programmeerde ik in Basic, en die taal hield dat allemaal niet voor me bij, die had niet zo’n mooie || . Ik moest zelf zorgen dat de gegevens van elke stap bijgehouden werden, en ik moest er zelf voor zorgen dat alles wat bijgehouden werd én dat op niks uitliep ook weer verdween.

Wat ik nu aan het doen ben is de code hierboven aan het herschrijven in mijn eigen oude basic, zodat ik snap hoe die STACK van JavaSvript werkt. Ik raak steeds verdwaald. In welke lus zit ik, en hoe geef ik de juiste informatie door die zowel werkt op de heenweg, als bij het stap voor stap terugrollen. Ik moet nu zelf tegen de computer zeggen: “dat laatste stapje moet je even vergeten, we beginnen opnieuw, we zitten bij stap 5, we waren bij antwoord 26, we hebben net +5+5+5+5+5 gedaan, vergeet die maar, we gaan terug naar stap 4 en we gaan nu +5+5+5+5* 3 proberen.” (Had ik al gezegd dat deze code de domme aanpak gebruikte?)

Ik breek echt mijn hoofd hier op, en ik weet dat het antwoord uiteindelijk simpel en elegant is. Ik ben nu zover dat ik post-its ga kopen om letterlijk een stapeltje, een STACK te maken.

Ik ben er nu al dagen mee bezig. En áls het me lukt dat heb ik nog al die accolades, haakjes en puntkomma’s  om aan te wennen. Ik heb er laatst een hele dag over gedaan om uit te vinden dat mijn code niet werkte omdat ik ergens = had getypt in plaats van ==. 

Soms raak in een beetje ontmoedigt.

 

Geef niet op.

Dat is een mooie, maar dat betekent dat ik het volgende moet kunnen:

  1. Omgaan met mijn frustratie. Ik bedenk iets, vergeet ergens rekening mee te houden, en moet dan gaan zoeken wat ik over het hoofd zag. Ik moet ook leren om niet te mezelf te zeggen dat het dom was dat ik dat niet eerder zag. Ik begin hier steeds beter in te worden. 
  2. Accepteren dat dit moeilijke tijden zijn die ervoor zorgen dat mijn concentratie niet altijd even scherp is. Ik moet af en toe alles helemaal wegleggen en iets anders gaan doen, soms zelfs voor de rest van de dag. Ook dit begin ik te leren.
  3. Accepteren dat mijn hersenen door alle burn-outs en door mijn leeftijd gewoon een stuk minder scherp zijn.
    Dát is de moeilijke. Dat betekent steeds balanceren tussen hoop en verdriet. Hoop dat ik door bezig te zijn weer scherper wordt en verdriet vanwege het afscheid nemen van dingen die me niet meer (zo snel) lukken.

Ik leer JavaScript maar intussen leer ik hele andere dingen. Misschien leer ik voor het eerst in mijn leven wel wat leren nu eigenlijk is.

 

 

Naschrift:

Een dag later . . .  so much for “elegant en simpel”
Ik ben zover dat hij keurig het rijtje +5  afwerkt, tot 26. Hij gaat dan ook nog netjes een stapje terug en doet dan 20 * 3 . . .  en daar blijft het hangen.

We blijven lekker doormodderen

 

 

halve dag later …. alweer een stuk verder
Dit begint er op te lijken.
Morgen kijken waarom de laatste stap fout gaat.

verdriet

Het is wat het is.

Nog zo’n les waarvan ik dacht dat ik hem geleerd had. Dat had ik ook best wel, een beetje.

Maar wat ik nu leer is dat accepteren wat is pas echt kan als je afscheid hebt genomen van wat het níet is.

Dat waarvan je zo vreselijk graag had gewild dat het er wel was. En dat betekent rouw, zoals de rouw dat mijn operatie niet doorgaat. Daar komen nog steeds flarden van langs. Dat verdriet is er om te voelen.

En er is meer verdriet.

Want ik heb zo’n beetje mijn hele leven een bouwwerk gemaakt van dingen waarvan ik graag wilde dat ze er zijn. Of dingen waarvan ik vond dat ze er moesten zijn.

Leuk hoor, zo’n moment waarop je je schaamte aflegt. Dat hele bouwwerk stort nu in elkaar. Ik zit tussen de brokstukken en neem afscheid van al die dingen die ik had moeten zijn. Zeeën van verdriet voor ik toe kom aan wat er wel is.

Zo kom ik er achter zie dit blog  dat ik nooit vrienden heb kunnen maken. Ik heb hele lieve vriendinnen. Maar zij vonden mij, en accepteerden mij zoals ik was. Ik heb die vriendschap aan hen te danken. Het zijn zeldzaam mooie mensen die de macht hadden iets in mij te zien dat ik zelf nog niet eens kon zien. 

En ze wonen ver weg. Het lukt me niet om in mijn dagelijks leven goede contacten te leggen.

Dat is wat is. Ik ben die exentrieke oude dame. Ik ben de loner die ik nooit wilde zijn, zonder sociaal netwerk in haar buurt.

Het heeft me weken van tomeloos verdriet gekost om dit te accepteren, en een Corona crisis om me met de neus op dit feit te drukken.

Heel langzaamaan (dit blog is een heel voorzichtig beginnetje, het verdriet is nog niet weg) leer ik accepteren dat dit is wat het is, en dat ik heel blij mag zijn met die mooie vriendinnen op afstand.

Omdat het zo pril is, heb ik geen idee hoe verder. Dat kan ook nog helemaal niet. Eerst maar eens oefenen met alleen zijn zonder het niet-alleen-willen-zijn. En dan heel misschien daar maar eens van gaan genieten, ooit. En dan nog maar eens kijken of ik dat nog anders wil.

 

Naschrift:

En toen kwam een van die geweldige vriendinnen langs, met heel veel lekkere dingen, omdat ze aanvoelde dat ik dat nodig had. Het was precies waar ik zo naar snakte (niet de lekker dingen), en het verdreef mijn eenzaamheid en mijn verdriet.

Ze las dit stuk en ze was het niet eens met de eenzijdigheid. Ze zei: “vergeet niet wat jij voor mij betekent.” En dat kwam aan, want ik geloofde het. Maar het blijft gek, want ik geloof wat ze zegt, zoveel zelfliefde heb ik intussen, om dat toe te laten. Maar ik besefte ook dat ik dus geen idee heb wat ik voor andere mensen beteken, of hoe ze me zien, als ze me het niet expliciet vertellen.

Ik moet denken aan het sociale veiligheidsonderzoek op basisschool waar mijn kinderen aan meededen. Een van de vragen was: “Vind jouw juf of meester je aardig?” Alle vier antwoordden ze “ik weet het niet”. De interpretatie daarvan was dat ze onzeker waren over zichzelf. Dat vond ik vreemd. Het was gewoon een nuchtere inschatting. Ze wisten het niet, omdat het nooit expliciet gezegd was. Voor mij stond dat los van eigenwaarde. Ik vroeg het aan ze, en allemaal antwoordden ze dat ze zichzelf best aardig vonden, dat er waarschijnlijk geen reden was dat de meester/juf ze niet aardig vond, maar dat ze dat niet zeker wisten en dat ze daarom op die manier geantwoord  hebben.

niet meer aardig gevonden hoeven worden

Dat was er ook zo een. 

Ik wilde aardig gevonden worden.  Maar als beginnende leerkracht leerde ik dat het niet goed was om aardig gevonden te willen worden.

Een mooie double bind. Nóg een spagaat, die kon er ook nog wel bij. Ik heb lang gebalanceerd met die tegenstrijdigheid, tot ik eindelijk inzag dat het nu eenmaal zo was, of ik dat wilde of niet. Ik wilde aardig gevonden worden. Daar was geen workshop of webinar tegen opgewassen.  

Pas dit jaar heb ik die af kunnen leggen, 3 maart om precies te zijn. Ik ben voor niets of niemand meer bang. Ik kan eindelijk zelf kiezen met wie ik rekening houd, sowieso altijd met mezelf.

Ik ga niet uitleggen hoe ik dat gedaan heb, die schaamte afleggen. Het lijkt namelijk een simpel dingetje, maar ik vermoed dat al die dingen die ik deed, en die niet hielpen, nodig waren om dat simpele dingetje succesvol te laten zijn. Ik was er gewoon aan toe. Er zijn geen simpele oplossingen.

Ik zou me nu dus zorgeloos vrij moeten voelen. Maar ik voel me vooral verdrietig. Morgen meer daarover, want ergens zit ook daar een double bind. Die ga ik vinden als ik er over schrijf.

 

 

 

Je best doen om jezelf te zijn

Schrijvend aan mijn boek zie ik nu

Ik had geen schijn van kans.
Ik dacht anders, ik voelde anders, en ik moest ook nog een jongetje zijn.
En ik was slim, veel te slim.

Ik was altijd afgeleid, maar steeds werd ik ruw bij de les gehouden. Ruw betekende voor mij dat ik werd geconfronteerd met de mening dat wat ik deed en wie ik was niet paste en niet hoorde. Het werd waarschijnlijk nog heel voorzichtig gebracht. Het werd alleen nooit als mening gebracht, maar als voldongen feit.

De eerste paar keer moet ik gedacht hebben: “Nou en? Laat me!” Maar ik werd niet gelaten. Het voorzichtige werd steeds beslissender. Nog steeds aardig, maar geen ontsnappen meer aan.

Dus ben ik gaan opletten. Ik ben ervoor gaan zorgen dat ik nooit meer op mijn vingers zou worden getikt. Daar ging al mijn slimheid aan op. Van afgeleid werd ik superoplettend als tweede natuur. Nee, het werd mijn eerste natuur. Afgeleid zijn, in mijn eigen wereld, kon ik alleen nog maar als ik alleen was. Als er mensen in de buurt waren was ik op mijn hoede, altijd.

Ik had geen schijn van kans. 

Ik kan nu wel willen dat ik rebels was geweest, tegendraads, en dat ik zo mijn eigenheid had kunnen behouden. Maar die vonk, die was er niet. Ik heb nooit geweten dat de aanval een optie was, misschien juist wel omdat het altijd zo aardig gebracht werd, en ik te verbijsterd was die paar keer dat dat hardhandig gebeurde. Misschien ook wel omdat ik van huis uit mee kreeg dat zachtjes meebewegen de enige optie was.

Voor mij bestond er alleen maar terugtrekken.

Steeds verder terugtrekken.

Natuurlijk is dit een verhaal dat ik mezelf vertel.

Het is een helend verhaal.

Omdat het verhaal dat ik mezelf tot nu toe vertelde was dat ik best mezelf had kunnen zijn als ik daar maar wat beter mijn best voor had gedaan. Weet je, ik heb mijn hele leven altijd alleen maar mijn stinkende best gedaan. Eerst om niet afgewezen te worden en vervolgens om mijn unieke zelf te zijn.

Ik wil stoppen met mijn best te doen, maar daar wil ik niet mijn best voor hoeven doen.

Ik wil zo graag dat kind weer voelen,  dat zei: “Nou én? Laat me.”

Steeds vaker lukt dat.

 

voelen

Mijn voelen staat aan of uit.

Aan is
o stortvloed van flarden
flarden herinneringen
flarden gevoel
flarden herinneringen aan herinneringen
flarden gevoel bij gevoel
en alles tegelijk
de vreugde
de pijn
de weemoed over de vreugde 
de pijn over de pijn.
Alles heeft te maken
met alles.

En uit leek ooit zo veilig.

diep zelfonderzoek (pun intended)

In februari had ik al het vermoeden dat mijn operatie uitgesteld zou worden, maar ik bleef hopen. Ik wilde niet al bij voorbaat rekening houden met het ergste. Aan het begin van de Lockdown, die samenviel met mijn operatie die inderdaad niet doorging vermoedde ik al dat het nog wel twee jaar zou kunnen duren. En ook toen waren er mensen die dachten dat het niet zo’n vaart zou lopen.

En nu heb ik een nieuw voorgevoel. Die operatie gaat er helemaal niet meer komen. Zelfs als de reguliere zorg langzaam opgeschaald gaat worden wordt mijn vaginaplastiek bestempeld als cosmetisch. En áls het dan eindelijk weer allemaal draait willen ze mij niet meer als patiënt. Ik ben met mijn 58 jaar (and counting) een risicogroep. En mocht dat virus ooit helemaal weg zijn is er in de zorg zoveel bezuinigd dat het niet meer onder de basiszorg valt.

Somber? Donker? 

Ik hoop vreselijk dat ik ongelijk heb. Maar ik ben me nu wel aan het af vragen wat het voor mij betekent. Ik heb altijd gezegd dat die operatie mij niet tot vrouw maakt. Maar ik heb er wel vreselijk naar uitgekeken. Een moment om heel te worden. Een moment om mijn lichaam te voelen zoals het moet zijn. En heel misschien ooit een mogelijkheid om seks te beleven zoals het goed voelt.

Kan ik zonder dat? 

Ja is een te makkelijk antwoord. Ik doe het al mijn hele leven zonder. En ik overleef het wel. Maar de afgelopen drie jaar heeft wel steeds dat moment mij voor ogen gestaan. Ik kon het verlangen ernaar uitstellen, heel erg lang uitstellen zelfs.

Maar dit voelt anders. Dit voelt alsof ik mezelf diep mag bevragen op wie ik ben als die vagina er nooit gaat komen. Het was in mijn hoofd al een stuk van mezelf geworden. 

Ga alsjeblieft niet zeggen dat ik geen voorschot moet gaan nemen op dingen die nog lang niet zeker zijn. Als ik niet nu al deze mogelijkheid onder ogen zie weet ik niet of ik het moment overleef dat ik te horen krijg dat het niet door kan gaan.

Ik ben al een tijdje bezig met mezelf overeind te houden. Deze mag er nu bij.

En natuurlijk wordt het antwoord uiteindelijk ja. Het komt goed met mij, zelfs als de operatie nooit door gaat. Maar ik weet intussen dat een antwoord dat ik in mijn hoofd al weet, ook nog gevoeld moet worden. En dat betekent dwars door de pijn heen.

 

En dan, dit gezegd hebbende. Dit stukje als voorproef alvast een klein beetje doorleefd te hebben, omdat ik dit niet rauw op mijn dak wil, dan ga ik bij deze uit van het hoopvolle. Ik ga er van uit dat die vagina van mij er komt, against all odds. Dat is hoe ik in het leven wil staan, in tegen- én voorspoed.

en opstaan

Ik wilde zó verschrikkelijk graag dat er iemand mijn flat inliep en naast me op de bank ging zitten, zachtjes tegen me aan, een hand op mijn been, zonder iets te zeggen.

Zo graag dat toen ik dat zelf wilde doen ik mezelf af wees. Ik had dat nog niet door. Ik deed zorgzame dingen voor mezelf, maakte een lekkere salade, lakte mijn nagels, fietste naar Arnhem om een boek op te halen, bestelde een zomerhoed. Maar het kwam allemaal niet aan. Al drie dagen niet.

The Feet, mechanical, go round –
A Wooden way
Of Ground, or Air, or Ought –
Regardless grown,
A Quartz contentment, like a stone –

(Emmily Dickinson)

Ik voelde mezelf verharden.

En net opeens, zei ik tegen mezelf dat ik het goed deed, dat ik dapper was, dat het helemaal voorstelbaar was dat ik mijn eigen hulp even afwees, dat ik boos was, dat ik het even allemaal niet meer kon trekken. Dat dat allemaal heel erg oké was. Dat kwam aan. Ik doe het goed en ja, ik ben heel erg dapper dat ik mezelf overeind houd.

Alsof er een deur in me open gaat, en ik mezelf binnen laat.

 

zie ook: hierhier en hier

 

Pain

After great pain, a formal feeling comes –
The Nerves sit ceremonious, like tombs –
The stiff Heart questions “was it He, that bore,
And “Yesterday, or Centuries before”?

The Feet, mechanical, go round –
A Wooden way
Of Ground, or Air, or Ought –
Regardless grown,
A Quartz contentment, like a stone –

This is the Hour of Lead –
Remembered, if outlived,
As Freezing persons, recollect the snow –
First – Chill – then stupor – then the letting go –

Emily Dickinson