Ik sta op de wachtlijst voor specialistische GGZ. Eindelijk. Net zoals ik mijn vrouw zijn verborg, verborg ik dit ook. Ik wilde normaal zijn, niet opvallen. Ik wist wat er gebeurde als je opviel. Dan lag je buiten de groep, of zelfs buiten alles, dan werd je gepest. Nu lag ik er ook wel buiten, maar ik zorgde ervoor dat dat niet opviel. Ik ben verrassend weinig gepest. Ik was erg goed in onzichtbaar zijn.

En ik redde me wel. Ik liet overal dat stukje van mezelf zien waarvan ik wist dat het geaccepteerd zou worden. En anders liet ik helemaal niks zien. Ik was liever niets dan iemand anders.

Ik was ook bang voor hulpverlening. Ik dacht dat die er was om mij in de pas te laten lopen, om mij normaal te maken. Ik wilde heel erg graag gezien worden als normaal, maar ik was diep in mijn hart doodsbang om normaal te moeten zijn. Wat een saaiheid wat een grauwheid. Ik wilde mijn eigen mooie binnenwereld houden, en, als dat kon, daar af en toe iets van laten zien.

Er was nóg een reden dat ik nooit eerder hulp zocht. Als ik verhalen van anderen hoorde dacht ik altijd. “Ja, die hebben allemaal een reden om hulp te zoeken. Die hebben erge dingen mee gemaakt. Ik heb gewoon een gelukkige jeugd gehad. Wat heb ik nou te zeuren? Dat is alleen maar aandachttrekkerij van mezelf.

Zelfs mijn transitie kon ik zonder hulp (en in dat zelfde jaar een scheiding, een verhuizing en voor mezelf beginnen als ondernemer, kon allemaal makkelijk)

Totdat mijn aanpas-energie echt helemaal op was. 

Nu, na 57 jaar zoek ik eindelijk hulp. Het is tijd. Niet langer wil ik alles alleen doen. Ik wil niet meer onder de radar vliegen. Ik wil een hoogvlieger zijn.

Please follow and like us: