Fenna was al een jaar bezig net haar afscheid

Eén van de vele manier waarop Fenna ons begeleiden naar haar afscheid.
Ze regelde een fotograaf voor een Foto-Shoot met het gezin. Voor ons, als aandenken.
Die dag kostte haar veel, en dat liet ze niet zien.
Maar we sisten het wel, en zij. Wist dat we het wisten.

En ze wist ook dat we het maar half wisten, en daar rekende ze ons nooit op af. 

 

Ik gebruikte dit beeld om een tekening te maken voor de kaart.

 

Screenshot

Hartstocht

Ik weet nog hoe ik, 

helemaal aan het begin van de lente,

een gedicht schreef over herwonnen hartstocht.

Ik voelde toen hoe ik die was kwijtgeraakt.

Bijna achteloos moet ik haar,

ergens in de winter, zijn verloren.

Alsof ze zomaar uit mijn jaszak viel. 

 

Nu, eind augustus, is het tijd

om te zoeken naar een plek

waar ik straks de hartstocht kan begraven.

Ik zal in de winter langsgaan bij het graf.

Zo zal de hartstocht bij me zijn

zonder me te verzengen.

Ze is zo groot,

ik weet nu

ik houd dat niet langer dan een zomer vol.

 

Er is nu plaats voor een zachter soort van liefde,

als een vuur dat suddert.

Soms zullen er vonken spatten.

 

In de lente zal de hartstocht me opnieuw verrassen.

Nog voor ik bedenk dat het tuit is om haar op te graven

zal ze me weer overvallen,

en zal ik beseffen dat ik weer vergeten was 

hoe heerlijk ze voelde

en dat ik haar toch weer weer begraven zou.

Want Prediker heeft gelijk,

voor alles is een tijd. 

Dit zou een brief moeten zijn

Want het is een vervolg van wat ik in een brief schreef.

Ik schreef over een LP die diepe indruk op me maakte in mijn studententijd.

En wat in een brief niet kan . .  Luiste eerst maar even. 

 

 

Er is veel wat me raakte, maar ik hou het bij deze.

Toen ik de film “Eternal Sunshine of the Spotless Mind“ zag moest ik aan dit lied denken.

Screenshot

Er zijn veel verhalen waar een jonge man die verliefd wordt op een quarky jonge vrouw.

Ik was daar ook vaak verliefd op. Maar later besefte ik dat het anders zat. Ik wilde graag zo zijn. Ik zag in deze meisjes/vrouwen iets dat ik in mezelf had, maar dat ik er niet uit durfde te laten komen. Dat was hoe ik mijn trans zij ontkende. Dat is waarom het veel harder binnen kwam dan gewoon een verliefdheid.  

Ik herkende een stuk in mijn dat ik ontkende. Dat was ik me niet bewust, maar ik voeld wel de pijn er van.

Nu lijster ik deze LP weer. Het moet de LP zijn. Deze collectie in deze volgorde. Die bestaat niet op CD. Dus luister ik nu met een PickUp op mijn bureau. Ik kijk naar alles wat ik intussen op dat bureau verzameld heb, inclusief mijn ouder knuffel. En ik moet huilen, omdat ik inmiddels besef dat ik die quarky vrouw  nu wél ben. Ik ben alleen niet meer jong, dus er is ook rouw voor wat er niet was. 

Brieven schrijven

Ik ben weer aan het wiebelen.

Ik schreef daar al eerder over. Ik weet al heel lang hoe het werkt. Maar dat betekent niet dat ik het kan stoppen.

De wiebel:

Ik wil iets in de wereld zetten.
Ik heb dat eerst heel lang in mijn hoofd.
Dan geef ik het vorm.
Dan vind ik het heel lang niks.
Dan spring ik, en zet ik het in de wereld.
Dan word ik helemaal hiper want iedereen moet het zien.
Dan valt het tegen hoeveel mensen ik bereik.
Dan trek ik me terug en besluit nooit meer iets neer te willen zetten.
Dan is het een tijd stil.
Dan komt er onrust.
En vanuit die onrust komen weer iets dat ik de wereld in wil zetten.

Ik probeer het lost te laten, dat in de wereld zetten. Ik probeer te voelen dat ik genoeg ben, ook als ik niets in de wereld zet. Maar dat lukt niet. De onrust komt altijd weer terug. Ik heb gedingsdrang.

En nu heb ik iets anders bedacht. Iets dat klein is. Waarvoor ik niet voor op de daken hoef te staan. Of ik houd mezelf voor de gek en ben ik toch weer bezig iets in de wereld te zetten. Ik ga het wel zien.

Ik ben begonnen met brieven schrijven. Dat begon omdat ik aan mijn kinderen brieven schreef over hoe geweldig ik ze vind. En toen wilde ik briefpapier. En een vulpen. En …

En toen wilde ik meer gaan schrijven. Mijn handschrift verbeteren. Mijn hersen stimuleren met schrijven. Kijken of ik ze langzame kan laten denken omdat schrijven langzamer gaat. En ik wilde minder op social media.

Dus ik verzon Slow Social.

Ik heb nu via die social media ruim tien adressen waar ik mee ga corresponderen. De eerste tien brieven zijn de deur uit. Ik schrijf wat in me op komt. 
Ik heb al één brief terug. 

Ik hoop dat we mooie rustige gesprekken gaan hebben, weg van de hectiek van social media. 

Bidden en Manivesteren

Dit is een HinkStapSprong blog. Dat betekent dat ik via de een na de andere associatie ga springen naar wat ik in de titel aangeef. En intussen vertel ik ook iets over die associaties, natuurlijk.

Ik kocht een vulpen en een nieuwe agenda. Die liet ik zien op social media. Iemand op BlueScky herkende een de konijnen knuffel, die trouwens nog geen naam heeft. Ze gaf me die, samen met de anderen uit het groepje schrijvers waar ik een schrijfmarathon mee deed. Het was een aandenken aan mijn verblijf in revalidatiecentrum Klimmendaal, waar ik een maand was na mijn herseninvarct.

Ik vertelde haar over de andere knuffels. Ze markeren allemaal een belangrijke verandering in mijn leven. Knorrepout, helemaal vooraan is het kappotgeknuffelde varkentje uit mijn jeugd. Ik sliep er mee tot en met de midelbare school. Toen ik ging studeren vond ik dat ik groot genoeg moest zijn om zonder te kunnen. Dat was een dom idee, maar dat is de leeftijd dat je nog te jong bent om te snappen dat toen je nóg jonger was, je meer wist over knuffels en liefde. 

Knorrepoet kwam weer terug toen ik na mijn transitie op mezelf ging wonen. Op het station in Arnhem kocht ik een vriendje voor hem, de eekhoorn. Ik noemde hem Ahashverus. Dat is de naam van een eekhoorn uit het boek Wampie, dat ik op de middelbare las. Wij hadden toen een eekhoorn in de tuin, en ik wilde dat die net zo tam was als Ahashverus. Ik bestelde het boek tweedehands om nog eens terug te lezen.

Toen ik dit boek op mijn lijst wilde zetten zij mijn leraar Nederlands: “Daar sta ik een beetje ambivalent tegenover.” Dat was een gevleugelde kreet van hem als hij iets niet echt literatuur vond, en niet goed kon uitleggen waarom. 

Ik hinkte van de pen naar de knuffels, en ik stapte van de knuffels naar een boek. En nu maak ik de sprong naar een ander boek dat ik lees. Ik lees altijd meerder boeken naast elkaar.

De associatie is dat dit boek iets beweert waar ik het niet én wel mee eens ben zonder dat ik dat goed kan uitleggen. Ik sta er zeg maar ambivalent tegenover.

Het gaat over de kracht van gedachten. Ik kwam dat voor het eerst tegen toen ik me verdiepte in spiritualiteit. Ik las dat heel veel dingen allerlei invloeden hebben op ons. Edelstenen bijvoorbeeld, konden van alles met je doen en voor je betekenen. Ik vond dat intrigerend maar wist ook net of ik dat moest geloven.

Ik was toen ook nogal gevoelig over wat mensen van me vonden. Dus als ik in die tijd een edelsteen zou hebben gekozen zou in een “Onyx” hebben gekozen. Als iemand me dan vroeg wat ik daar had kon ik zeggen “Onyx”, wat ook verstaan kan worden als “Oh, niks”.

Wat ik ook intrigerend vond was “Manivestern”. Ik heb dat zelfs geprobeerd. Tot ik besefte dat ik daar krampachtig mee om ging. Ik schreef daar dit gedicht over.

“Stuur je wens het universum in”, 
zeiden ze.
Een aantal keren deed ik dat.
Uit nieuwsgierigheid,
uit wanhoop,
of omdat het in een workshop moest.
Ik deed het zelf een keer
vol overgave en verlangen.
Maar langzaamaan besefte ik
dat ik meer bezig was geweest met het hoe
dan met het wat.
En nog weer later,
dat het wat
alleen maar liefde is.
Dus toen ze weer een keer aandrongen,
zei ik tegen het universum: 
“Kies zelf maar iets, als de kern maar liefde is.”
Het universum antwoordde:
“Dat is precies wat ik al die tijd al deed.”

De spirituele wereld trok me steeds meer moeite kreeg met mensen die me precies konden vertellen hoe ik mijn doel in mijn leven kon vinden. 

Omdat ik het spirituele, wat ik niet graag meer spirituele wilde noemen, mistte, en meer contact wilde met mensen in mijn woonomgeving liep ik een kerk binnen. Gek genoeg vond ik de mensen daar een stuk minder dogmatisch dan de spirituele wereld die ik verlaten had. 

Ik ging de gesprekken die ik in mezelf had, gesprekken met God noemen. Dat was vroeger het woord dat ik liever niet wilde gebruiken. Maar ik laat me nu niet meer woorden afbakken omdat andere mensen er associaties bij hebben bij dingen waar het mij helemaal niet om gaat.

Gepsrekken met mijn innerlijke ik, noem ik nu gesprekken met God. Ik vermoedde dat die gesprekken net zo iets waren als wat gelovigen “bidden” noemden. Om daar meer over te weten kocht ik een boek over bidden. Ik legde dat als snel weg, omdat ik las dat het ook ging om God vragen naar bepaalde uitkomsten. Dat deed me te veel aan “manivesteren” denken.

En op een of andere manier pakte ik vandaag dat boek weer even uit de kast.

Ik had een afdoende argument tegen bidden als een form van Manivesteren. 

Ik zie bidden als contact hebben met mijn inperste, met de wereld, met andere mensen, kortom met wat ik nu God noem. Het is een manier om me één met het geheel te voelen. Ik vind het aanmatigend om iets te vragen. Laat God maar kiezen. Dat was ook de conclusie in mijn gedicht.

En nu las ik in dit boek precies dit argument. De schrijver schrijft  begripvol over dit argument. Maar, zegt jij, het zit me niet helemaal lekker. En toen las ik verder.

En dan gebruikt hij een argument dat ik gebruik om, waar ik dat kan, activistisch te blijven. Ik beweer niet te weten hoe het allemaal wel moet in de wereld, maar ik kan wel benoemden wat niet klopt. Ik kan proberen dat te veranderen, ook al weet ik dat mijn invloed maar heel erg klein is. Vertrouwen in God betekent niet dat je niet zelf iets moet doen.

In die zin mag je de wél om iets meer specifieks vragen. 

En toen besefte  ik dat de conclusie in mijn gedicht wel erg makkelijk is. Ik laat het dan aan God over.  (Als je niet in God gelooft kun je zeggen dat ik het aan het lot over laat.)
Maar dat is wel heel passief.

Ik kan dus weer wensen het universum in sturen. En dat betekent dat ik op een klassieke manier kan bidden. Aan God vragen of hij iets wil regelen. Dat kan ik dan naast mijn oude manier van bidden doen, dat alleen maar over het voelen van verbinding is.

En of het dan ook echt gaat werken? Tja, sta ik een beetje ambivalent tegenover. 

 

Onbevangen

Ik was ooit onbevangen,
en een beetje vreemd.
Maar dat was toen ik nog de leeftijd had
dat ik een beetje vreemd mocht zijn.
Ergens is er een grens
die niemand je vertelt.
Maar daar voorbij is vreemd zijn iets gevaarlijks.
Omdat ik nooit door mocht krijgen dat de wereld mij gevaarlijk vond,
zorgenden ze ervoor dat de wereld voor mij gevaarlijk werd.
En zo werd ik bevangen, altijd op mijn houde.
Het heeft een leven geduurd om de hoede los te laten.
En nog steeds slaat hij soms als een waakhond aan,
verkramp ik, tot ik weer besef
dat ik best een gevaar mag zijn.

 

The Echo Maker

Fenna is op duizenden manieren dagelijks aanwezig in mijn hoofd.

Ik woest opeens denken aan dit boek. Dat al 20 jaar in mijn kast staat.

Fenna ga me het bij Sinterklaas. Het stond op mijn wensenlijstje, maar ze had destijds wel heel bewust gekozen voor dít boek als cadeau. Fenna kennende heeft ze het opgezocht, recensies gelezen en gekeken of ze het zelf ook interessant zou vinden. 

Ze vroeg me een tijd laten wat ik er van vond.
Ik kan niet liegen tegen Fenna, dat wil ik ook niet.
Het boek was ingewikkeld, ik vond het fascinerend, maar ik kwam er ook niet echt goed doorheen.

Het voelde voor mij als ik Fenna teleurstelde.

Het bleef me bij. Steeds als ik dit boek zag. (Ik kijk best vaak naar mijn boeken in de kast).

Bij mijn verhuizing heb ik heel veel boeken weggegooid, maar deze kon ik niet weg dien.

En nu wil ik het gaan herlezen.
Dat is eindeloos moeilijk na mijn herseninfarct. Nederlands kost me al moeite

Maar deze maand zou Fenna 30 worden. (Volgende week woensdag).

En Fenna is meer dan ooit in mijn hoofd nu.

Misschien daarom dat ik het boek uit de kast pakte.

Ik ga heel hard werken om dit boek te lezen. Ik heb het in het Nederlands besteld als hulp voor als ik er echt niet uit kom.

Ik heb recensies gezocht om te zien of het die moeite waard is.

Mensen vinden het helemaal niks, of ze vinden het geweldig. Dat is een uitdaging waard.

En Fenna zal dicht bij me zijn als ik het lees. En dus is het niet erg als het heel erg lang gaat duren.

Muckle Flugga

Ik was Folk fan. En toen kwam een van mijn favoriete bands “New Celeste” nota bene bij ins op school spelen. Ze keken verrast toen ik alle nummers mee kon zingen.
Ik was in de bij ze en an afloop niet bij ze weg te slaan.
Ik vroeg waarom ze zichzelf aanprezen als Scotlands second best Folke Band.

Ze zeiden dat alle schotse bands zichzelf als de beste aanprezen en dat dat dus hen automatisch tot de tweede beste maakte.

Ik zei dat ik zelf een band wilde oprichten en vroeg of ze een goede naam wisten.

Ze hadden meteen een naam:

“Meckle Flugga”

Ik dacht dacht dat ze een grapje maakten

Maar ze bezwoeren me dat het de naam van een vuurtoren was op het aller noordelijkste puntje van de Shetland eilanden.

Ik geloofde ze, maar in 1977 had ik niet veel mogelijkheden om het te achterhalen.

Er kwam nooit een eigen band.

Ik heb één keer met een groepje gespeeld maar ik was de engineer die ooit muziekles had gehad en die een beetje kon spelen. We waren heel naïef, maar toch hadden wel denk genoeg door dat het niks werd. Ik was niet stoer genoeg om mee te speen met jongens die wel konden spelen.

De naam Mickle Flugga bleef ergens achter in mijn hoofd hangen.
Maar ik was het weer vergeten toen ik internet had waarmee ik het op kon zoeken.

Kisteren las ik een boek waarin gesproken werd over vuurtorens en daar stond het opeens. Voor het eerst zag ik de naam ergens geschreven

Muckle Flugga

Kennelijk bouwde de familie van de schrijver van Schateinland vuurtorens.

En hij staat inderdaad op het noordelijkste puntje van de Shetlanders Eilanden.

Het was zo bijzonder om helemaal onverwacht een half vergeten naam uit een ander leven terug te vinden.

 

Screenshot
Screenshot

 

Blessed are the meek

Ik schreef er al een keer een column over, namens de kerken, in ons plaatselijk blad. En eigenlijk schreef ik er ook al over in een column voor Volzin. Daar noemde ik het een ode aan de buitenbeentjes.

Screenshot
Screenshot

 

Het is een thema dat steeds weer bij me terug komt, en steeds een diepere betekening krijgt.

Ik gebruik hier “Blassed are the mee”, de Engelse vertaling omdat ik niet bijbels opgevoed ben, en de meet bekende teksten tot me kwamen via andere bronnen, vaak ook in het Engels.

Ik heb heel lang gedacht dat het alleen maar ging over gerechtigheid. Daar gaat het ook over, maar het gaat veel dieper dan dat.

De gerechtigheid is nodig omdat de buitenstaanders altijd in de hoek zitten waar de klappen vallen. Het is dus aan de samenleving om er voor te zorgen dat deze mensen beschermd worden en dat hun bestaanszekerheid gewaarborgd wordt.

In mijn Ode aan de Buitenbeentjes schreef ik dat die buitenstaanders ook heel erg veel te bieden hebben. Ze zien de dingen waar anderen snel aan voorbij lopen.

Maar hun waarde is nóg dieper, besef ik. Ik volgde twee podcasts waarin “Brave New World” ban Alsous Huxley werd besproken. Iemand die nog beter dan Gorge Orwel een dystopia voorspelde. Een dystopia waar we al lang in zitten.  

Mensen zijn op zoek naar iets en in het dystopia waar we leven maakt het kapitalisme daar een verdienmodel van.  Mensen worden gevangen in een systeem waar ze niet meer uit komen. Omdat hun energie opgaat om het geld te verdienen om datgene te betalen waarvan het systeem ze wij maakt dat ze het nodig hebben.

Het is al vaak benoemd. De ratrace, of tredmolen van het leven. Het is al op vele manieren beschreven en bezongen, onder andere door John Jennon in “Whatsing the Wheels”, of in films zoals “The Matrix”. Het blijkt dat er moeilijk aan te ontsnappen is. 

En precies dát is waarom de buitenbeentjes zo belangrijk zijn. Jezus noemt in zijn beroemde bergrede niet alleen de zachtmoedige. Het is een hele rij.

Mensen met een brein dat anders werkt, een lichaam dat ze weerhoud op op volle gracht mee te doen, of nog een op andere manier anders zijn, waardoor ze buitengesloten worden, denk aan LGBTQ, en natuurlijk iedereen die met racisme te maken heeft. Deze mensen zitten in een situatie waarin ze helemaal niet kunnen meedoen in die tredmolen.  En dat maakt dat zij degenen zijn die anderen kunnen redden uit doe tradmolen.

Wat ik vroeger las als: wacht maar, aan  de mensen die nooit een kans kregen zak recht gedaan worden, lees ik nu ook als: dit zijn de mensen die niet gegrepen zijn door de hechte waar we aan te onder gaan.  Ze zijn niet alleen blessed omdat ze het verdienen, of omdat ze iets moois te bieden hebben, ze zijn blessed omdat ze de verlossing betekenen.

PS, ik denk dat ik weet waar de sleutel zit. 

Dat waar iedereen naar zoekt licht aan de andere kant van pijn. Omdat veel mensen de pijn vermijden, zullen ze het nooit vinden. Alle marketing is er op gericht om je manier te verkopen waarmee je weg kunt blijven van de pijn.

De pijn voelen is zwaar. Daar heb je hulp bij nodig. Ik vind die hulp bij wat ik nu God noem. Dat begon toen ik diep van binnen een troostende stem hoorde toen ik die het hardst nodig had. Ik beschreef dat in “Onder de Radar”. 

PS dit zijn de potkastst

De ongelovige postkast 

De boekenklub

Kunst op balkon

Twee jaar geleden deed ik eindelijk iets aan mijn rommelige slaapkamer. Ik nam een bed van een vriendin over, en toen moest ik wel. Ik stel dat soort dingen altijd uit, en hoe langer ik het uitstel hoe groter de drempel word. En dan opeens moet het, en ben ik niet meer te stoppen.

Ik zette de kasten uit de slaapkamer op een andere plek. Ik maakt een DVD kast in mijn fietskoffer (want ik wil ze nog steeds niet kwijt) en maakte een extra boekenkast in mijn woonkamer. Wat ik niet kwijt kon gooide ik zolang op mijn balkon. Het was winter.

Screenshot

En toen stopte de motor en had ik weer een klus waar ik tegenop keek. Veel te laat in het voorjaar kreeg ik het op mijn heupen. Ik regelde een ophaaldag voor huisvuil (dat was de grootste drempel), en maakt mijn balkon helemaal leeg en schoon.

En omdat ik zo blij was met mijn balkon kreeg ik een plan. Ik ben niet goed met planten en ik wilde een blauwe regen. Dus die tekende ik op de muur.

Screenshot

En toen wilde ik iets op de andere muur. Ik koos voor een oude deur. In eerste instapte omdat het me rustiek leek, maar toen beseft ik dat een deur die negrens heen gaat magiesch is. Ik ben fan van Tonke Dragt en zij heeft iets met deuren. Een dichte deur heeft altijd de mogelijkheid om open te gaan naar een andere wereld.

Screenshot

 

Ik was heel tevreden met mijn balkon en ik kreeg ook complimenten van voorbijgangers.

En toen, twee weken geleden kreeg ik een mail van de huismeester namens de vereniging van eigenaren. Het is verboden om de muren van het balkon te schilderen. Ik hoorde van mijn buren dat je zelfs niks mag ophangen.

Ik was verdrietig en boos en wilde het aanvechten. Maar na wat googelen zag ik dat die muren via een zogeheten splitsing-acte eigendom zijn van het collectief en dat de vereniging van eigenaren daar over gaat. En die hebben ooit een reglement opgesteld. Ik maak geen Schulz van kans. De tekeningen moeten er af.

Het raakte me. Het is oude pijn. Ik bots al een heel leven tegen regels die ik stom vind. Mijn creatieve oplossingen voor dingen zij al heel vaak als verboden of ongewenst verklaard. Het deed pijn.

En toen werd ik opstandig. Ik maak iets vóór die muren. Dat kan niemand me verbieden. De deur was het snelst opgelost. Ik had in mijn fietskelder nog twee jouvredeurtjes staan.

Ik ben blij met die opstandigheid. Ik heb me veel te vaak laten kisten, ik droop veel te vaak af. Teleurgesteld in de wereld. Nu voelde ik met niet neergeslagen, ik voelde me sterk, en ik voelde me creatief!

 

Ik kocht ook meteen een nieuwe stoel want de oude was echt helemaal kapot, die ging ook al dertig jaar mee.

De kouden regen koste meer puzzelen. Ik maakte een tekening en die kun je uitprinten als tuinposte. Maar ja, die moet ik aan de muur ophangen met schroeven en dat mag niet. Toen bedacht ik dat ik er een banner vóór kon zetten. Ik maakte een tekening in een heel luxe resolutie en bestelde de banner. Ik vond het eng want ik had geen idee hoe her eruit zou zien. Ik moest twee weken wachten op het resultaat. Vandaag kwam hij binnen. Het kostte wat moeite om hem goed uit te rollen. Maar hij staat.

Ik heb weer een mooi balkon mét kunst.

Ik ben nog wel steeds verdrietig dat ik mijn eigen kunstwerken moest slopen:

Misschien moet ik dat maar zien als performance art. 

En toen bedacht ik dat ik nu kon wisselen.

Dit is mijn zomer banner.