stemmen

Ik kende ze al, mijn stemmen

ik heb ze weten te temmen.

Tenminste, dat dacht ik. En het is ook waar. Ik heb minder last van veroordelende stemmen. Ik had niet in transitie kunnen gaan als ik de luidste nog over me liet regeren.

Maar  . . .

Er is een maar  . . .

Want mijn therapeut is goed, en ze weet bij me door te prikken. En ik ben goed, want ik laat haar doorprikken.

En zo komen we bij de geniepige stemmen die zichzelf vermomd hebben, waardoor ik niet door het dat ze er zijn. In een oefening over waarden die ik met kaartjes om me heen rangschik, schrijft ze op wat mijn gedachten zijn bij dat proces.

Thuis groepeer ik die gedachtes en ik kom bij vier stemmen die ik een naam geef. Ze werken mooi samen.

Dit is wat ik vond:

 

Mijn stemmen

 

De neerhaler

Je bent het niet waard. Je bent onaanzienlijk en verdient geen aandacht

  • afgewezen zijn
  • je bent geen compassie of vertrouwen waard
  • je bent geen intimiteit waard

 

De vergelijker

Er zijn mensen die het erger hebben, stel je niet aan, je bent een verwend kind, Je moet er wel wat voor doen, je bent lui

  • autonoom zijn is leuk maar houd rekening met de ander
  • eerst aan de ander denken
  • word niet te egoïstisch 
  • je moet dit kaartje inleveren, je hebt de andere 3 al

 

De klopgeest

Het moet kloppen. Het hoeft niet perfect, maar het moet kloppen.

  • je hebt al eerder gedacht dat je er was, en nu ben je er weer
  • het is een herhaling van zetten
  • anderen zien wat jij nog niet kunt zien



De verhalenmaker 

Ik maak er een mooi verhaal van zodat jij en de anderen zich niet stoten aan de scherpe kantjes

  • Zorg dat je gehoord wordt
  • je moet anderen meenemen in je stappen
  • je raakt ons kwijt
  • pas je tempo aan

 

De reis

Zij die zeggen dat

het de reis is en niet

de bestemming

kennen ze dan niet

de vreugde van de aankomst?

Weten dat je rusten mag

en niet gelijk weer door.

Helden en helden

 

Ik lees dit boek.

Ik bewonder deze vrouwen, die tegen de onderdrukking in zich uit durfde te drukken.

En in mijn hoofd klinken de stemmen: “Zij wel! Jij hebt lekker de privileges van een man gehad.”

Maar dat is maar het halve verhaal. Ik heb waarschijnlijk wel privileges gehad. Maar ik was ook een vrouw in onderdrukking. De vrouw in mij werd onderdrukt. Door de wereld en via die wereld ook nog eens een keer door mezelf. Ik heb mezelf niet uit durven drukken. Maar het feit dat ik mezelf er doorheen gesleept heeft verdient meer dan de beschuldigende “Zij wel!” die de stemmen in mijn hoofd me toe gooien.

 

Hoe ik mij de les liet lezen

Ik kocht een boekje over dromen duiden.

Ik ben daar altijd een beetje dubbel in, in spirituele dingen, en vandaag snap ik weer iets beter waarom.  

Ik lees dat dromen boodschappers zijn, dat ze je helpen met je levenspad. Ik lees over reizen die mislukken en dat dat kan betekenen dat je het anders aan moet pakken, maar dat het ook kan betekenen dat de reis niet de goede reis voor je is.

En daar gaat het mis. Daar is het al vaak mis gegaan. Want dit is wat mijn hoofd doet:

Ik kreeg als kind gevoelige klappen toen ik buiten de lijntjes kleurde, dus ik leerde heel goed op te letten waar die lijntjes waren. Ik snapte de logica van de lijntjes niet, dus ik leerde heel heel goed opletten. Zo leerde ik op de verkeersregels te letten in de wereld van mensen.

Maar als er in de spirituele wereld kennelijk een reis bestaat die wel voor jou bedoeld is, en andere reizen niet. Dan zijn er daar potverdikkie ook verkeersregels! En nog veel gevaarlijker want je kunt ze niet met het blote oog zien. Het moet via dromen, aura’s en meditatie. Nóg enger is het dat anderen claimen dat ze het wel kunnen zien bij mij, voor mij.

Nu snap ik mijn haat/liefde verhouding met het spirituele weer een beetje beter. Mijn botsing met de gewone wereld is dat ik dingen zie die ontkend worden door anderen. Dat is waarom ik van die spirituele wereld houd, omdat daar tenminste erkend wordt dat er meer is dan meetbaar/zichtbaar. Mijn haat zit in de constatering dat er daar dus kennelijk ook lijntjes zijn waar je niet buiten mag kleuren. Ik besef dat nu bij dat boekje over dromen dat steeds weer benoemt dat je dromen goed en verkeerd kunt interpreteren, dat er een goede weg is en een foute weg. Tenminste dat is wat mijn bange hoofd leest: o, nee ook hier moet ik op mijn tellen passen!

Ik wil dus best wat bewuster omgaan met die dromen. Maar ik wil niet meer in de valkuil lopen dat ik ga denken dat er hemelse lijntjes zijn waar ik niet buiten mag kleuren.

Waarden

Therapie. Waarden scoren. Kaartjes rangschikken in belangrijk<>niet belangrijk. Deze deed ik al eerder. Ik weet mijn waarden ook wel. Maar nu. De diepere laag. Confronterend.
Blijken er ongelofelijk veel waarden nog vast te zitten aan mijn plichtsgevoel. Heel confronterend want ik weet hoe dat werkt, en toch had ik niet door hoeveel waarden van mij nog op die manier verstrikt zitten in een web van ingeslikte normen van anderen.
 
(einde cittaat)
 
Ik ben meer een Voerman, meer mijn vader: dwars, eigenzinnig, sociaal onhandig. Ik kon de waarden niet waar maken en zorgde voor een spagaat. Geen wonder dat mijn innerlijke criticus een feestje heeft in mijn hoofd.

Nog geen herfst

Zo half augustus

herinner ik plots

dat je straks

binnen de kou van buiten

nog kunt ruiken

aan de mouw van je jas

dat het woord behaaglijk

weer betekenis krijgt

dat ik me in aarde rood wil hullen

en kastanjebruin

dat de herfst

een einde is

maar voor altijd verbonden blijft

met nieuwe schriftjes

en een lege agenda

Boosheid

Ik neem een besluit.  Voor mijn geestelijke gezondheid. En ik hoop dat ik het kan volhouden. 

Ik stop met boos zijn. Boos zijn is voor mij ook een manier om mijn pijn niet te hoeven voelen. Reageren op alle kwalijke columns die nu bijna elke dag in de krant verschijnen over trans mensen, bijvoorbeeld. Ik word daar echt boos over het liefst zou ik willen reageren met een felle tweet, of met een draadje met uitleg.

Ik doe het niet meer.  Het leidt me af. Wat ik te doen heb is niet boos doen, maar kijken naar welke pijn er achter die boosheid ligt. Ik zelf ben zo oneindig veel meer waard dan de stukjesschijvende sukkels. Ik heb geen energie meer. Ik heb het niet over, laat staan dat ik het voor ze over heb.

Ik ben dankbaar voor anderen die die strijd wel voeren, hoewel ik daar dubbel in ben. Aan de ene kant voed je de aandacht, aan de andere kant mag het feitenvrije gif niet onbesproken blijven. Ik ben dankbaar voor de mensen die daar wel de energie in steken en daarin ook steeds die afweging in zoeken.

Ik wil mijn energie steken in mijn eigen heling en van daaruit verbinding zoeken. Geen vrijblijvende verbinding trouwens. Je kunt alleen verbinden met anderen als die hun eigen pijn ook durven voelen. Dat proces ga ik graag aan. Daar bewaar ik mijn energie voor.

Mijn boekcover is klaar

Mailtje van mijn uitgever.

De boekcover is klaar en de eerste opmaak van de tekst ook.

Wow!

Just wow!

En dan besef ik dat deze website genoemd is en dat ik blogger ben. Oeps! Ik blog al een tijd niet meer. Mijn blogs werden draadjes op twitter. Mooi, maar ook vergankelijker.

Dussss.

Hier maar weer eens gaan schrijven,  je weet nooit wie er uit nieuwsgierigheid gaat kijken.

Zondag trad ik op in de lekenshow van Oscar Kocken op de Boulevard in Den Bosch. Dat was fantastisch. Wat zou het gaaf zijn om als mijn boek uit is, vaker spreekopdrachten te krijgen.

Eerst maar eens verder schaven aan mijn theateroptreden van 4 November, waarmee ik mijn boek presenteer.

Things are happening, and I love it

de dans van de pauze

“Waarom teken je ons?”

Ik leg uit dat grote mensen niet zo leuk zijn om te tekenen omdat die alleen maar zitten, staan of lopen. 

“En ze praten ook erg veel.”

Precies, en dat is al helemaal saai om te tekenen.

Sinds ik de tekeningen maak ben ik nóg meer onder de indruk van de kinderen. De pauze is één grote dans. Alles is vol beweging. Deze kinderen praten ook veel met elkaar, maar dat praten doen ze met hun lijf. Ze lezen elkaars houding af. “Zullen we stoeien?” is een korte vluchtige beweging die al dan niet beantwoord wordt. Soms moeten ze leren om daarin de grenzen van de ander te herkennen en te respecteren, maar als observerend zie ik pas hoe vaak dat wél goed gaat. En dan valt het me weer op. Als we niet goed kijken zien we alleen de dingen waar het even niet goed gaat. Als je goed observeert zie je de feilloze dans.

De glijbaan waar kinderen afglijden, tegen op rennen, met zijn allen over elkaar buitelen, en het gaat altijd goed omdat ze naar elkaar kijken, als het moet hun aanloop afbreken omdat er net eentje naar beneden komt. Even wachten met glijden omdat de voorganger nog en gekke buiteling wil, of aan de kant gaan omdat je lekker zit, maar ziet dat er even iemand wil glijden, het gebeurt allemaal soepel en vanzelfsprekend.

En dan is er de verstandhouding van kinderen die elkaars gekte kennen en waarderen, waardoor elke beweging een circusact wordt, zelfs zoiets simpels als het oppakken van een bal. Ik zie binnen een half uur judo, ballet,  yoga, capoeira en aikido. Het is communiceren op hoog niveau. Elkaar zien, elkaar erkennen, elkaar uitdagen, elkaar gunnen. En dat alles zonder dat er een woord gezegd wordt.




late erkenning voor Sylvana Simons

Verhaaltje, parabel, om uit te leggen waar mijn boosheid vandaan komt. Het is niet zuur. het is zorg.

Stel ik word gepest op het schoolplein. Mijn moeder kaart dit aan op school, maar dat wordt niet in dank afgenomen, sterker nog, het pesten wordt erger en school doet er niks aan. Dan is er een moeder van een ander kind dat ook gepest wordt. Zij heeft meer slagkracht van mijn moeder. Haar zoontje is zwarts. Ze ziet het racisme dat onder het pesten ligt. Daardoor ziet ze ook hoe het pesten systemisch is, en dus ook hoe de hele school onderdeel is van het probleem. Ze stelt zich kandidaat voor de OR. Maar iedereen vindt haar lastig en militant. Ik voel me gehoord. Ik hoop dat ze in de OR komt, want dan wordt mijn stem wel gehoord in school. Ik vraag dus steun voor haar. Maar ik krijg van iedereen te horen dat ze niet gaan stemmen op haar omdat ze alleen maar over racisme praat. Als ik mensen er op wijs dat ze ook op andere gebieden goed ideeën heeft, juist omdat ze het systeem ziet, wordt er niet naar me geluisterd. Dat heb je van je moeder, die was ook al lastig. Ze zeggen dat ze op een vader stemmen die ook mooie dingen zegt over pesten. Ik ken die vader, ik weet dat hij het niet echt snapt, dat pesten. Hij is nooit met de gepeste kinderen komen praten, ook niet met hun ouders. Hij heeft mooie woorden over pestprotocol en zo. Dat maakt indruk. Ik maak me zorgen.

Ze wordt toch gekozen. En dan hoor ik opeens van iedereen dat ze zich vergist hebben. Die moeder is juist een aanwinst voor de OR. Zou ik dan blij moeten zijn. Misschien. Maar wat me dwars zit dat deze mensen mijn verhaal negeerden, en niet zelf beter keken. Wat me nog meer dwars zit is, en nu weer even los van deze parabel, is dat als deze mensen wél beter hadden gekeken, en niet zo bezig waren geweest met hun vooroordeel, Sylvana Simons nu iemand naast haar had gehad in de Tweede Kamer. En dat had ze heel erg goed kunnen gebruiken, gezien het vele werk en haar gezondheid. Dát zit me nog het meeste dwars. Dat is mijn boosheid, en de zorg dat mensen kennelijk zo makkelijk in het frame getrapt zijn dat zorgvuldig is opgebouwd rondom Sylvana Simons. Dát is er, naast de blijheid met de bredere erkenning.