Selecteer een pagina

Ik moet schrijven hier, het is sterker dan ik.

Als sinds mijn jeugd probeer ik mijn hoofd te vangen in woorden, mijn gevoel te laten stromen tussen de regels. Dat moet, dat vangen, want ik vlieg alle kanten op.

Ik daal steeds meer in mijn lijf, ben steeds vaker in het nu, maar de kluwen in mijn hoofd is er ook nog steeds, en dan struikel ik over mijn eigen wirwar.

Onrecht komt binnen, onrecht komt zo vreselijk hard binnen. Als kind gebeurde dat ook al. Ik bouwde een verdedigingslinie met een mooi verhaal:

Ik doe op mijn eigen kleine manier goed, op de plek waar ik ben, met de mensen die ik tegenkom, binnen mijn mogelijkheden.

Dat klonk vreselijk mooi. 

Maar sinds ik als trans vrouw heb meegemaakt hoe onwetendheid en afzijdigheid kan schaden, voelt het niet meer genoeg.

Voor mij geen handen meer wassen in onschuld omdat het niet op mijn stoep gebeurt, correctie: omdat ik niet zie dat het op mijn stoep gebeurt.

Maar nu dan.

Want zo hard als het nu binnenkomt slaat me volledig uit het veld.

Nieuwe balans. Tussen ogen sluiten en opgevreten worden door wat ik zie.

Blij dat jij er bent lief blog, fijne eigen plek. Want deze jammerkreet wil ik niet delen op social media. Daar gaat het nu even niet over mij.

En tussendoor voel ik de liefde wel. En mezelf, en mijn lijf.

Maar ik wil dan tussendoor.

Dus nu eerst terug naar binnen, naar mijn lijf, uit mijn kluwen. Dat mooie hoofd mag er zijn, die kluwen kan schitteren en sprankelen, maar dan wel graag als hobby en nooit meer als wegwijzer.