Selecteer een pagina

Mijn hak is stuk en ik kan dus niet wandelen. De huisarts is het eens met mijn vermoeden dat er nog een kleine glassplinter is achtergebleven.  Woensdag röntgenfoto en dan. als de glassplinter inderdaad te zien is, een chirurg die gaat peuteren. Hij was te klein en te diep voor de huisarts, en verdoven schijnt bij hakken niet zo goed te werken.

Fietsen dus. Dat doe ik niet zo heel veel, de heuvels hier zijn wandelend beter te doen dan op de fiets. Maar beweging en zo, dus ging ik gisteren naar de Hoge Veluwe en ik boekte een tijdslot bij het Kröller Müller.

Ik was te vroeg, maar dat was gepland, ik kon zo eerst nog even naar de winkel in het centrum voor een nieuwe jaarkaart, en om te schuilen want het licht was veranderd. Nog voor ik naar boven kijk en de wolken zie, weet ik aan het licht dat het gaat regenen. Dat licht heeft zo’n typische glanzend metalen gloed. 

Op de buienradar zag ik dat ik niet droog het museum zou bereiken. Ik overtuigde mezelf dat ik nog precies zo’n rood softshell jasje nodig had, en kocht ook nog een paraplu met herten. Ik had alleen mijn zomerjurkje, die buien zouden in het noorden vallen.

Het museum vond ik niks. De tijdelijke expo had geen schilderijen. Ik houd veel van schilderijen, andere kunst doet me niet zo veel. De vaste collectie is altijd mooi, maar het is vreselijk om daar via een vaste looproute doorheen te moeten. Ik kon niet eens lekker lang bij mijn lievelingen blijven dralen.

Naar huis dus maar. Buienradar vertelt heel leuk dat het voorlopig niet meer droog wordt en ik moet nog 25 kilometer. Het regent wel iets minder hard. Ik waag het er op.

Ik verbaas me hoe weinig chagrijnig ik ben door dit alles. Dat is helemaal niet mij. Ik ben zelfs licht geamuseerd, het is een bijzonder avontuur geworden, deze dag. 

Het blijft licht regenen, en af en toe is het zelfs even droog. Mijn nieuwe jasje dat alleen waterafstotend is houdt het goed. Het is zelfs nog warm. Ik geniet van de bijzondere sfeer die de lucht over het park tovert.

En dan besef ik dat ik al die tijd al in het nu ben, en hoe fijn dat voelt. Ik ben niet bezig met mijn hak die nu toch weer een beetje pijn  doet. Ik ben niet bezig hoe het moet nu ik deze maand geen geld opzij kan leggen. Ik ben aan het fietsen en nat aan het worden. De druppels zijn zacht, de wind streelt, de heuvels zwaar en dan weer licht. Mijn hoofd is nog wel aan het rekenen hoe laat ik thuis ben, en hoe lang elk stuk van het traject duurt, maar ik laat het, zo heeft het wat te doen, en het belet me niet om alles intens te voelen. Hoofd en lijf zijn in balans nu, elk hun eigen systeem en elk hun eigen lol, als twee kleuters die naast elkaar spelen in plaats van met elkaar. En weet je, dat is geen onverschilligheid van die kleuters, er spreekt wederzijds respect en vertrouwen uit. Dat samen spelen komt nog wel.