Bleinwacht.
Een verhaal van hoop.
Het plein was te glad, dus ik bleef aan de rand staan mijn mijn evenwichtsoornis. De kinderen hadden er niet zo’n moeite mee.
Er kwam een muisje naar me toen:
“Ik mag niet mee doen.”
Normaal loop ik dan altijd met haar mee. Ik legde uit dat dat nu niet kon.
Ik zei:
“Maar je hebt gelijk dat er iets opgelost moet worden. Kun je ze vragen of ze hier komen?”
En dat is het gave van deze school! De twee andere mijden kwamen met haar mee naar me toe.
Ik zei:
“Wat gaaf dat jullie komen.”
De twee meiden stonden dicht tegen elkaar aan.
Ik vervolgende:
“Jullie zien twee goede vriendinnen, en als ik jullie zie zou ik mee willen spelen. En zoals jullie zo samen zijn en ik werd niet betrokken, zou ik me ook buitengesloten voelen. Zou ze mogen delen met wat jullie samen hebben?”
Het meisje dat me gehaald had begon uit te leggen wat haar dwars zat. De twee anderen reageerden daar op.
Ik verstond niks, maar het zag even als aanval en verdediging. Dus ik probeerde een vraag:
“Is er iets wat ze doet waarom jullie niet willen dat ze mee doet?:
Het werd me niet helemaal duidelijk of dat zo was, maar het gesprek veranderde. Het werd een soort overleg. Er werden voorstellen gedaan. Dit zag er gedenkwaardig uit.
Ik wist dat het de goed kant op ging naar ze overtroffen me. Ze waren er nu heel snel uit en er volgde een Group Hug.
Ik werd er warm van. Het buitengesloten meisje werd letterlijk binnengesloten.
Ik vertelde dat ik trots op ze was.
Dit beeld hou ik even bij me in een wereld waar zoveel mensen buitengesloten worden.
