Selecteer een pagina

TW (depressieve buien)

 

Accepteren blijft een lastige!
met die twee c’s

 

Deze schreef ik een paar jaar terug. Ik had intussen geleerd dat mildheid en humor erg helpt bij accepteren. Ik heb me een levenlang zo afgesloten dat accepteren niet in mijn vocabulaire voorkwam. Mijn leven was er juist op gericht om alle ellende voor te zijn, en als dat niet kon, om die ellende dan maar vast over mezelf uit te roepen, dan had ik het tenminste gehad. Niet dat ik door had dat ik het zo deed, trouwens.

Totdat ik mezelf begon te openen, en merkte dat er nogal wat te accepteren viel. Ik had mooi oefenmateriaal. Ik had flinke Tinnitus, oorsuizen. Ik vond van mezelf dat ik daar mee moest kunnen leven, maar ik werd er gek van. En toen ontdekte ik een beginnetje. Ik stond mezelf toe dat ik er gek van werd. Ik accepteerde dat ik het niet kon accepteren. Ik kon dit op meerdere dingen toepassen.

 

Goed is niet hetzelfde als fijn
als je dat kunt voelen mag alles er zijn

 

Ik zie dingen vaak haarscherp, en kan ze ook best goed formuleren. Maar dat ik het weet, betekent nog niet altijd dat ik het ook kan leven. Jawel, ik leerde steeds meer vrede te hebben met de dingen waar ik geen vrede mee had. Ik liet steeds meer stukken zelf toe. Maar weet je, uiteindelijk koos ik de krenten uit de pap. Ik accepteerde de dingen die min of meer klaar lagen om geaccepteerd te worden. En misschien werkt het ook wel zo. Dat je alleen klaar bent voor de dingen in je ‘zone van ontwikkeling’. Want, wow! Wat was, én is(!) er nog veel te accepteren, vooral van mezelf.

Nu bijvoorbeeld. Ik heb overprikkelingsbuien. En die zijn heviger dan ooit. Deels door hormonen, maar ook omdat ik de kraan van mijn gevoel steeds verder open zet. Sinds deze zomer heb ik buien de dof en zwaar zijn, buien waarin ik helemaal niets meer zie zitten, buien waar het voor mij allemaal klaar en afgelopen mag zijn. Gelukkig heb ik een mooie compassievolle interne dialoog met mezelf, en trek ik mezelf er uiteindelijk weer uit.

Ik vond je op de bank
je lag te snikken
ik ging naast je zitten en zei niets.
Toen je op wilde staan
omdat je vond dat je naar bed moest
legde ik zacht mijn hand op je heup
“je hoeft niets”
fluisterde ik.
Ik zag dat je me niet kon geloven
“ook dat hoeft niet”, zei ik.
Ik begon je heel zachtjes te aaien,
omdat woorden nog te kwetsbaar waren.
Je liet het onverschillig toe
dat deerde me niet,
ik bleef aaien.
Ik deed het voor jou,
niet omdat ik vond
dat het moest helpen.
Heel langzaam werd je rustig,
het duurde wel een uur
en al die tijd bleef ik bij je
en aaide je.
Je verdriet werd zachter,
je stond toe dat ik je in mijn armen nam.
Ik voelde hoeveel pijn het je deed
om mijn liefde te ontvangen.
“Ook dit mag”, fluisterde ik.
Je knikte haast onmerkbaar.
“Het is nog niet goed”. zei je.
Ik knikte, “weet ik, en dat mag.”
We lagen stil
weer samen
jij en ik.
Je wist weer
ik ben bij je
altijd
want ik ben jou.

 

Goed. Ik accepteerde dat ik deze buien had. Ik kon ze ook altijd wel weer herleiden naar een moment daarvoor waar ik hevig overprikkeld was. Maar nu. Nu komen deze buien vaker voor. Soms wel meerdere keren per week. Ook als ik het tussendoor best goed heb. En dus was er weer iets wat ik niet kon accepteren. Een bui, oké! Maar regelmatig terugkerend? What the fuck is wrong with me? Ik ben toch zo blij met mijn vrouw zijn?

Ik ben nu zo ver (en dit schrijven helpt) dat ik ook dit kan accepteren. Ik ben dingen aan het loslaten. Logisch dat er veel shit naar boven komt. (Zie je dat ik nog niet helemaal zo ver ben? Dat ik nog een verklaring nodig heb om het er te laten zijn?)

Dit ben ik dus. Mét mijn buien.

Pffff.

De reis gaat voort