Selecteer een pagina

Het is eruit. Ze zei het, mijn therapeut:
“Je schreeuwt om aandacht.”

Ze heeft gelijk. En het is wat ik het meest vreesde om hardop te horen, hoewel het natuurlijk al overduidelijk was.

En nu is het hardop gezegd, en ik leef nog. En ik ben geen vreselijk mens.

Natuurlijk schreeuwen de stemmen nu in mijn hoofd dat ik dit publiek geheim niet expliciet benoemd mag worden. Natuurlijk schreeuwen de stemmen dat ik verdoemd ben, want aandachtstrekkers zijn slechte mensen.

Maar ik leef nog, en ik ben geen vreselijk mens.

Veel van die aandachttrekkerij is compensatie. Als ik leer om mezelf te waarderen zonder alle goedkeuring die ik daar bij nodig heb, zal de noodzaak minder worden. Maar ik vermoed dat ik dan nog steeds die aandacht leuk vind. En dat mag. Ik houd van het podium, ik houd ervan gelezen te worden. En welke artiest of schrijver wil er nu dat de zaal leeg blijft en de boeken ongelezen?

Ik ben een aandachttrekker, is zoek graag het podium op. En ik ben bereid om mijn stinkende best te doen om dat podium waard te zijn.