De korrespondent.

Screenshot

Dit is een brief die ik op mijn blog schrijf. Dus voor iedereen. Ik ga hem ook delen op mijn socials.

Vroeger schreef ik alles op mijn blog. Daarna deelde ik wat kortere stukken op socials media, zonder er een blog van te maken. Op twitter heette dat draadjes, vanwege de beperking van het aantal letters per tweet.

Ik moet schrijven om mijn hoofd leeg te maken. Dat doe ik dagboeken, gedichten en soms zelfs in een boek.

Ik stuur dat graag de wereld in. Dat is natuurlijk echo, maar het is ook iets anders. Het voelt minder alleen als ik het deel. En ik krijg reacties. Dat vind ik leuk. Een like is voor mij geen like, maar een teken dat het gelezen is. Een reactie is leuker, want dan herkend iemand iets.

En nu heb ik een andere manier gevonden om het te delen. Ik schrijf brieven. Ik heb op de sociaals gevraagd wie dat leuk vindt en ik heb nu zo’n tien mensen met wie ik schrijf. En af en toe doe ik een brief op mijn blog en deel ik dat op de sociale. Ik wil daar wat minder zijn. Ik lees te veel slecht nieuws. Ik steek niet mijn hoofd in het zand, maar ik wil de slechtheid van de wereld wat minder frequent binnen laten komen. Vroeger waren het pijlen die binnen kwamen, nu is het als een machinegeweer. 

Naast schrijven lees ik. Graag echte boeken. Maar nu heb ik voor het eerst een Ebook op mijn telefoon gezet. The Correspondent.  Ik lees de eerst bladzijde en ik ben verrast. Dat beschrijft mijn leven. Ik ben net zo orderlijk, alleen veel minder netjes. Maar ook ik houd precies bij welke brieven ik stuur en welke ik krijg. Welke ik nog moet antwoorden. Ik heb daar een heel systeem voor opgezet. Ik heb hele mooie dozen gekocht voor de brieven die ik krijg. En ik bewaar een Copier van mijn eigen brief, omdat ik dan kan teruglezen wat ik schreef, als dat nodig is. Ik wil die tien mensen niet door elkaar halen. Ik probeer het zonder te doen, en alleen te reageren op de laatste brief, maar ik wil die zekerheid van een backups.

Ik heb de neiging om daar een levens systeem van te maken, en als ik niet uitkijk maak ik daar een identiteit van. Dat is wat mijn onzekere stem graag wil. Dat ik “iets ben”.  Ik weet dat ik niets hoef te zijn, maar die  bange stem weet dat niet, en ik moet soms best sterkt zijn om haar aandringen te negeren. En nu riep ze:

”Zie je wel. Daar staat ook dat het een levenshouding is. En je hebt het niet eens afgekeken. Je deed dit al voor je dit lans!”

Mijn bange stem wil ook graag dat ik origineel ben.

Ik ben in rouw. Ik zoek nieuwe veiligheid. Ik zoek nieuw evenwicht. Dus die bange stem roept wat harder, en ik troost haar dan wel weer. Schrijven helpt. En het is mooi omdat dat met een mooie pen op mooi papier te doen.

En heel soms hier.