Selecteer een pagina

Ik heb twitter weer uitgezet.

Impulsief, maar deze keer niet als dramaqueen. Ik wilde al eerder een twitterpauze, maar dat voelde als verraad naar Black Lives Matter, alsof ik me aan mijn verantwoordelijkheid onttrok om op de hoogte te blijven en mee te vechten. Alles wat ik over racisme leerde, leerde ik van twitter.

Het verontrustte me, ik werd misselijk van de ontkenning en de racistische uitingen, maar de grote beweging die nu in gang is gekomen verwarmde me ook.

En toen kwam J.K. Rowling, en in haar kielzog heel veel transfobe gif. En toen zelfs mensen in mijn eigen timeline niet wilden snappen waarom inclusief taalgebruik nodig is, wist ik dat ik moest stoppen. Omdat ik dat dan uit ga leggen, terwijl ik weet dat het geen zin heeft.

Dat is mijn valkuil. Ik ga me bemoeien, en dat moet ik niet doen. Ik ben niet goed in argumenteren. Ik heb de boel logisch in mijn kop zitten, en dan bots ik op mensen die niet willen begrijpen. Dat veroorzaakt kortsluiting in mijn brein. Alsof ik in gesprek moet met iemand die beweert dat twee plus twee vijf is.

Andersom kan ik het hebben. Mensen die me wijzen op mijn vooringenomenheid. Het doet even pijn aan mijn ego, maar ik kan de logica wel herkennen, en zien dat ze gelijk hebben. En fuck dat ego dan maar even, die komt er wel weer bovenop.

Maar opzettelijke onwetendheid, daar kan ik niet goed tegen. Dat is een eufemisme.

Dus moet ik weg van twitter, want ik kan blokken tot ik een ons weeg, maar mensen uit mijn timeline gaan wel de confrontatie aan en dan krijg ik die shit toch allemaal te zien.

En dat is heel erg jammer want er zijn zoveel lieve mensen op twitter die ik dan mis.

Maar ook bij die lieve mensen zit een pijn. De ik-hoor-er-niet-bij pijn. Ik voel me altijd en overal een buitenstaander, ook op twitter. Ik herken  erg veel, maar kom er dan al snel achter dat het bij mij toch weer net even anders is. Bij elke herkenning bots ik op een stuk ontkenning. Dat is denk ik mijn levenspijn. Ik heb nog nooit ergens bij gehoord. Soms dacht ik een groep mensen gevonden te hebben met wie ik me kon identificeren, soms dacht ik: nu heb ik mijn tribe. Maar steeds opnieuw merk ik dat ik geen tribe heb. Ik ben de zonderling, de buitenstaander. En twitter confronteert me daarmee.

Ik zou er trots op kunnen zijn, op mijn einzelgänger status, maar er zit nog teveel trauma op. Het doet gewoon nog steeds pijn, het maakt teveel oud zeer los.

Dus ook het fijne twitter doet me zeer.

Ik moet weg, mijn account laten verlopen.

Maar dan mis ik wel heel erg veel. En ik heb straks ook nog mijn boek dat ik onder de aandacht wil brengen. Ik wil geen alleen-maar-zend account hebben, dat doe ik trouwens toch al te veel, over mezelf praten. Als ik nou het gevoel had dat anderen daar wat aan hebben. . . . het gekke is, mensen hebben me al gezegd dat ze er iets aan hebben. . . maar er is nog een te groot stuk in mij dat dat niet wil geloven.

Als ik dit lees, en ik was mijn eigen coach wist ik het antwoord wel.  Ik zou tegen mezelf zeggen dat ik nu maar eens helemaal in mijn eigen unieke ik moet stappen, en moet gaan stralen. 

En dat is natuurlijk ook wat ik ga doen. Niet nu, uit wilskracht, omdat ik weet hoe het zit. Dat is mijn gave en vloek. Ik weet altijd al hoe het zit, lang voordat ik vóel hoe het zit. Het voelt nu nog anders.

Het voelt zo godverdomde alleen, als ik niet het gevoel heb bij een tribe te horen waar ik op terug kan vallen. Alleen, eenzaam en eng.

God geef me de kracht om in die leegte te stappen en hem te vullen.

Die kracht die komt, ook dat weet ik. Ik heb altijd achteraf pas door dat ik kennelijk een stap gezet heb in mijn voelen.

Wat ik op mijn schoolplein durf, alleen maar te zijn, erop te vertrouwen dat dat genoeg is,  te voelen dat ik daarin iets waard ben . . . dat moet ik in de wereld ook maar eens gaan durven.

Maar voorlopig even zonder twitter, genieten van mezelf, op dat schoolplein.