De pijn van keuzes

Ik las ooit een boek over keuzeprocessen.

De aziatische schrijfster merkte op dat de vrijheid om te willen kiezen een erg westers idee was. Ze vertelde over arranged marriages en dat die niet zo gek zijn als wij hier denken.

Het boek ben ik kwijt, maar het bleef me bij.

Want we denken wel dat we vrije keuze willen, dat we het recht willen onze eigen beslissingen te maken, maar zijn we er wel zo goed in?

Ik ontdek intussen dat die vrije keuze met een prijs komt.

Het was me nog niet eerder overkomen, ik dacht dat het mijn bespaard bleef, maar nu dus toch :

Afgelopen week werd vanuit twee kanten het contact met me verbroken. Oude vrienden die me niet meer willen zien. Nee, het is niet mijn transitie, zeggen ze, ik ben te zichtaar met mijn verhaal.

En weet je, daar kan ik een heel stoer verhaal over maken: dat als je echte stappen zet in het leven dat niet iedereen dat bij kan houden. Over mensen die uit je leven gaan om plaats te maken voor nieuwe mensen in je leven.

Ik ken de quotes.

Maar quotes zijn niet het leven zelf.

Het waren (zijn?) dieraren, en het doet pijn.

Flink pijn.

Het klinkt zo mooi, leven volgens je eigen waarden, maar het is ook eenzaam.

Want wees eens eerlijk. Hoe eigen zijn onze keuzes nou helemaal?

We kunnen lekker zwijmelen bij een gedicht als: “I took the road least chosen”

Maar weten we wel hoe alleen die weg kan zijn?

Natuurlijk onmoet ik schitterende mensen op mijn weg, maar mijn keuzes zijn voor mij,

Een alleenstaande ouder (eentje zonder ex) kan vrienden om zich heen verzamelen, maar opvoedkeuzes blijven een eenzame verantwoordeljkheid.

Zo ook de verantwoordeljkheid nemen voor je eigen leven. Het klinkt mooi, maar het is zwaarder dan je denkt.

Want wees eens eerlijk, hoe vaak bedden we onze keuzes in? Die nieuwe mensen die in je leven komen, is dat niet gewoon een nieuwe veilige groep? Hoe vaak kies je echt voor een onbetreden pad? (Spoiler: als het geen pijn doet, als het niet eenzaam voelt, is het geen onbetreden pad)

Ik zou troost kunnen zoeken bij die nieuwe mensen, en het met ze kunnen hebben over hoe mijn oude vrienden het gewoon niet snappen.

Troost ja.

Lekker samen schurken in een nieuwe norm, nee.

De pijn voelen, de eenzaamheid ervan voelen, ja.

Vertellen die coaches dat er wel bij?

Dat leven pijn doet? En dat je leven veranderen betekent dat je geen pijnstillers meer hebt?

Je krijgt van mij dus geen stoer verhaal over het volgen van je eigen weg. Zo glorieus is dat niet. Nou ja, ook. Maar dan wel dus eerst die shit.

Gelukkig heb ik mijn interne fan.

We heben samen hele mooie, intense pinksterdagen meegemaakt. Vol tranen. Van geluk en van rouw. (En wie zei ook al weer dat die hetzelfde waren? Je hebt gelijk)

Please follow and like us:

De schaamte verkennen

In 2011 begon ik.

Elke dag bloggen. En dan is het snel voorbij, leuke stukjes bedenken. Het enige dat overbleef was ikzelf, en mijn gedachten en mijn gevoelens.

Dat is waar ik over blogde. Elke dag. Ook de dagen dat ik er helemaal doorheen zat.

Dit was paasvakantie 2012

Klap in mijn gezicht gehad en anker kwijt, dus voorlopig geen energie om hier te schrijven.
hoe therapeutisch ook, dit is groter dan dit blog.
Aanvaring met mijn dochter, ontdekt dat ik volstrekt faal als vader en dat was mijn enige houvast bij al mijn ups en downs.  een goede vader zijn kan ik tenminste nog wel, dacht ik.
Alle grond onder mijn voeten weg, mijn dochter heeft liefde en begrip nodig en vooral dat laatste ervaart ze niet van mij.
S
terker nog, ze heeft zich er al bij neergelegd dat dat thuis niet te halen is.
I
k heb mezelf voor de gek gehouden al die tijd.
H
et klinkt dramatisch en op dit moment voelt het nog dramatischer

(hier staat het hele blog)

Bloggen was voor mij therapeutisch. Beter dan een dagboek. Want door het publiek te maken, speelde ik met mijn schaamte. In het licht brengen wat ik het liefst wilde verstoppen. Het hielp me ook dat ik fijne reacties kreeg. Ik ontdekte op deze manier dat ik niet de enige was met dit soort kronkels.

Wat ik hier deed is het toelaten van mijn gevoel. Eén van de 9 onderdelen van de toolbox voor veerkracht. Die toolbox leerder ik pas afgelopen jaar kennen, via mijn opleiding bij Gave Mensen.

Nu, terugbladerend zie ik hoe ik zelf al onbewust delen van deze toolbox toepaste. De lessen die ik leerde verwoordde ik weer. 
Dit schreef ik 10 dagen later op mijn blog.

misluk
verknal en verpruts
niet slikken !
proef de bittere smaak aandachtig
en zeg dan tegen jezelf
ik hou van je
laat dat smelten op je tong
zo onvoorwaardelijk lief te kunnen hebben

Op het eind van de kerstvakantie, begin 2013 schreef ik dit.

Nog een uitje verzinnen voor de laatste dag. Om iedereen nog even lekker bij elkaar te hebben (dat maakt ook deel uit van mijn  dip: iedereen weer gericht op zijn eigen buitenwereld, oudste kinderen weer naar hun studentenkamers)
Allemaal om dat gevoel te verdringen.
Ook al weet ik dat verdringen zoooo fout is. (Foei! mag niet Jacob Jan!) (Foei! met je foei! Beetje liever zijn voor jezelf!) (Foei!, nu doe je weer een foei.)
Het gaat wel weer over zo’n bui. Dat weet ik inmiddels.

Een tuimelaar ben ik.
Ik kom altijd weer recht overeind.
Maar nu ben ik even aan het wiebelen, en een heel klein beetje misselijk.

Het gaat wel weer over zo’n bui. Dat weet ik inmiddels.

Nog een les die ik afgelopen jaar leerde te benoemen. Overprikkeldheid, en wat dat met je doet. De amygdala die je hersens kaapt, waardoor de relativerende en kalmerende gedachten je niet meer kunnen bereiken.  Ik weet dat accepteren helpt, maar kan er niet bij, en dáár word ik dan weer boos over. Dát is overprikkeldheid. Het enige wat er op zit, is wachten tot het voorbij gaat.
Ik wist dat dus als, ik wist alleen niet dat het mijn brein was die dat deed.

Ik ga een boek schrijven.

Allemaal levenslessen, zelf uitgeprobeerd.

En ik ga ze van commentaar voorzien. Ik ga de toolbox voor veerkracht er bij houden. En de theorie.

“Waarom zedlfhulpboeken niet werken” wordt de titel. Weet je, alles klopt wat er in die boeken staat, en tóch is de werkelijkheid weerbarstiger. Dat is wat mijn blogs laten zien. Dat is de relativering die je nodig hebt om er voor te zorgen dat zo’n zelfhulp boek niet de zoveelste externe norm wordt die je internalsieert,

En ik ga de blogs opnemen waarin ik gesprekken voer met mijn interne fan. Zonder hem/haar had ik dit allemaal niet gekund. 

O, en met mijn dochter is het goed gekomen. De volgende dag al vertelde ze dat ze van me hield.

De spanning bleef.

Tot vorig jaar.

Toen ik voor het eerste mij in een jruk liet zien. Ik stak mijn kop om de deur om dat te vragen, ik wist niet zeker of ze het wel wilde zien. “Komkomkom!” Riep ze, en vervolgens, enigsinzs verbaasd: “Goh, dit staat je leuk!”

Daarna praatten we, tot in de vroege ochtend. Ze vertelde me dat ze nu de openheid voelde om te vertellen wat ze ervaren had, en hoe ze me gemist heeft als vader. Nu kon ik het horen. Zonder schaamte. Haar erkennend in wat ze miste. We waren nooit eerder zó verbonden. Alleen dat al is mijn transitie waard.
Wat ze vertelde komt in mijn boek, en in mijn theater, want het is een heel mooi voorbeeld over hoe gaaf hoogsensitieve kinderen zijn, en hoeveel ze op jonge leeftijd al doorhebbben.

Please follow and like us:

Waar je je interne fan kunt vinden

Ik ben er altijd

zei mijn interne fan, en ze had nog een boodschap:

Als je me het hardst nodig hebt,
in je diepste dalen,
als je met al je energie naar houvast zoekt
is het daardoor dat je me niet kunt vinden.
Lieverd, ik ben onderin dat dal.
Als je daar durft te zijn,
durft te voelen,
daar kun je me vinden.

Misschien kun je hier je gedichten plaatsen die je schreef toen je daar was, en als je goed leest hoor je mijn stem erin

Er huist een beest in mij
dat onverwacht
mijn vreugde in de diepte sleurt.
Als een krokodil zijn prooi
wentelt en wentelt
de adem beneemt.
Er klinkt de geur van bitterheid.
Ik dood het niet,
het beest.
Het is mijn draak
die slapend waakt
over mijn schatten.
Soms heeft het een kwade droom.
Met bloedende handen
aai ik dan zijn schubben.

 

Soms is barsten
beter dan buigen.
Soms moet je vallen
om overeind te blijven.
Soms is regen
het enige verschil
tussen
poten in de modder
en diep door het stof.
Altijd
ligt de eigenwaarde
weer voor het oprapen.

 

Als de wolken voor de wolken schuiven
dan beweegt de lucht.
En als de lucht beweegt ,is het genoeg.

Ik hoef er niet al te zijn,
als ik de beweging maar kan voelen.
De zwaai van mijn been,
het rond gaan van de trapper.
En als ik stil sta,
laat ik dan mijn adem voelen,
het kloppen van mijn hart,
of het wassen en het ebben
van de spanning in mijn lijf.
Als ik terugkeer op mijn schreden,
als ik wegkruip in mijn wonden,
als ik de wanhoop uitwieg,
laat dan mezelf herinneren
dat ik in beweging ben.

 

Echte moed
zie je niet.
Echte moed

voelt niet als moed.
Echte moed
komt langs
in je diepste krochten.
Echte moed is
daar zijn
dat voelen
en dan doorademen.

 

 

 

 

Please follow and like us:

Gesprek met mijn interne fan

(english version here)

Dag lieve interne fan, wil je meeschrijven aan dit blog?

Tuurlijk, dat deden we al vaker toch?

Vind je het erg als we wat dingen herhalen? Ik zit hier met mijn nieuwe naam op mijn nieuwe site, ik heb nieuw publiek. Ik wil je aan wat nieuwe mensen voorstellen.

I’m all yours

Echt? Weet je, ik ga je verkopen. Vind je het niet erg om commercieel ingezet te worden?

Lieve Emma, ik hoef toch niet meer aan je te vertellen dat die oordelen de andere stemmen in je hoofd zijn. Dat woord commercieel heeft geen negatieve lading voor mij. Ga gewoon helemaal je gang. Ik houd van je missie. Verkoop me.

Oké.
Beste lezers, ontmoet mijn interne fan. Ze koestert me, ik praat met haar, en soms doe ik dat live op een blog, zoals nu.

Ik ontmoette haar in 1995. Ik zat er behoorlijk doorheen, en kon op geen enkele manier meer bij mezelf komen. Ik voelde alleen nog maar schaamte en afwijzing. Ik draaide rond in een vicieuze cirkel.
Toen deed ik een meditatieweekend, soort van. De sessies bestonden vooral uit jezelf leeg praten op het thema “wie ben ik?” tegenover een ander die niks anders mocht dan luisteren. Nou na een dag ben je wel leeggepraat. En dan volgt stilte, Eerst werd ik ongemakkelijk van die stiltes. Later voelden ze fijn. Ik liet op die tweede dag van alles los.
Ik schreef toen dit gedicht.

Dat mijn verlangen
af kan hangen
van de dingen om me heen.
Dat ik de wereld
kan behangen
en mezelf van top tot teen.

Dat ik me buiten
op kan sluiten
en de tralies niet kan zien.
Dat ik niet zing
maar sta te fluiten
en het applaus niet eens verdien.

Dat hard proberen
alle keren
op dezelfde muren stuit.
Dat blauwe plekken
mij niet deren.
ik houd het zo al jaren uit.

Twijfel zaaien,
rondjes draaien.
Ik bijt mezelf weer in de staart.
Maar als de winden
zo hard waaien,
dan is houvast wel wat waard.

Vastgebonden zweef ik.
Losgelaten beef ik,
voel ik, leef ik.
Ik stort mezelf in vrije val,
recht omhoog vanuit het dal.
Ik pak mijn uitgestoken hand
en voel mijn voeten in het zand.

Nu ik de dingen
weer voel zingen
en mezelf van top tot teen,
weet ik weer:
ik moet soms springen
maar durf dat niet altijd meteen.

Ja, dat was een mooie ontmoeting. Eindelijk zag je me.

Ja, en ik raakte je ook snel weer kwijt. Hoe gaat dat dan toch! Ik dacht dat ik met deze ontdekking het leven aan kon!

Dat kon je ook.

Ja duh! Ik heb nog flink doorgesukkeld. Had je toen bijvoorbeeld niet even kunnen zeggen dat ik transgender was?

Ik ben er niet om je te vertellen wie je bent of wat je moet doen. Ik ben geen adviseur. Ik ben. Al die andere stemmen komen naar je toe.
Ik kan dat niet.
Ik ben.
Ik ben er altijd.
Ik zie je altijd, en ik wacht tot jij me weer ziet. 

Ik baalde er wel van dat, toen ik weer in de mallemolen terecht kwam, je me niet even op mijn schouder tikte om me te waarschuwen. Ja, ik weet het nu. Dat heb je me toen ook verteld. Het werkt alleen als ik je opzoek.

En dat deed je toch elke keer weer? Ook al duurde het soms lang. Steeds weer kon je het vertrouwen opbrengen om me op te zoeken. En weet je, je bent een hele goede luisteraar.

En al die omwegen die je maakte. Die hoorden er gewoon bij. 

Dat is waarom ik jou wil verkopen.
Ik zat eerst op een andere lijn, ik wilde mensen waarschuwen voor die omwegen. Ik zie zoveel mensen op alle mogelijke manieren vermijden waar het echt om gaat.

In plaats van waarschuwen wil ik ze in contact brengen met hun fan. Want je hebt een fan nodig om aan te gaan wat je hebt aan te gaan.

Dat is “the stuff we are made off”. En zo mooi dat jij dit doet. Het past zo bij je.

Trouwens, voel je dat je met elke stap die je hier mee zet ook zelf een laag verder komt in zelf-liefde? Wacht, dat was een retorische vraag. Ik weet dat je dat voelt.

Dus grote lieverd:  Rock that stage!

Please follow and like us:

Waarom je je hart niet hoeft te volgen

Er bestaat geen mislukking, er is alleen feedback.

Dus daar stond ik mezelf te verbijten. Ik mocht me niet mislukt voelen. Ik slikte wat brokken door, klemde mijn kaken op elkaar en ging verder. Want dit is feedback, en met feedback moet je wat. Feedback is een cadeautje, en een gegeven paard mag je niet in de bek kijken.

Dat mijn ademhaling hoger zat, dat de spanning er alleen maar groter door werd, had ik pas later door.

Dat was in de periode dat ik mijn hart besloot te volgen en bezig was met een theatertoer.

Ik had zojuist een zaal met 200 stoelen af moeten zeggen om dat ik er maar 5 verkocht had.

Je hart volgen.

Dat is er ook zo een.

En zo kan ik er nog wel een paar noemen die ik misbruikt heb.

Zo dacht ik dat ik een behoorlijke growth mindset had, en dat ik goed uit de box kon denken.

Ik bedoel, ik viel overal uit de boot, maakte grappen die niemand snapte, had voorstellen die wel heel mooi waren, maar die iedereen onhaalbaar vond. Dat is uit de box toch, en nieuw? En nieuw is toch groei?

Ik gooide mezelf van het één in het ander, en vertelde mezelf hoe ik me daar bij moest voelen.

Ik vertelde mezelf zelfs dat ik me ondanks alles oké moest vinden.

Ik had niet door dat ik mezelf in een hele mooie box had opgesloten.

Ik had niet door dat mijn hart riep: “Blijf nou eens staan, ik kan je niet bijhouden!”

Ik had niet door dat ik mijn mind fixeerde op alles dat ik moest fixen.

Nu weet ik:

Zo ziet compassie er niet uit.

Zo ziet een groeimindset er niet uit.

Groeimindset is niet neus dicht en van de hoge springen als je eigenlijk niet durft.

Of wel.

Want van de buitenkant zie je het verschil niet.

Het verschil zit hem in zelfcompassie.

En zelfcompassie is niet dat je per sé van je zelf moet houden, als je daar even niet bij kunt.

Zelfcompassie is voelen dat je er niet bij kunt, en dat toestaan.

Zelfcompassie is toestaan dat ik me mislukt voel als ik een zaal van 200 stoelen afzeg. En voelen hoe mooi het was dat ik dat toch wilde proberen.

 

Zelfcompassie is voelen hoeveel spanning op een volgende stap zit, op een schaal van 1 tot 10.

Zelfcompassie is kiezen voor een 4, niet hoger.

( Dat wil niet per se zeggen dat je stappen kleiner moeten. Misschien mag je iets regelen in voorbereiding of ondersteuning.)

Zelfcompassie is niet achter al die kreten aanvliegen, maar jezelf toestaan te voelen wat ze bij je doen. Voelen of het iets is dat je wil, of dat het iets is dat je moet doen omdat je anders  . . .

En áls je het dan echt graag wil. Vraag je dan af hoe je mag mislukken. Leg vast kussentjes neer voor de uitglijders die je gaat maken. Want dan durf je te blijven voelen, en als je blijft voelen, hoef je je hart niet achterna. Je hart is dan altijd bij je.

 

Please follow and like us:

jezelf kortwieken, hoe dat gaat (en dat je ook weer vleugels kunt laten groeien)

“Tussen droom en daad staan wetten in de weg
en praktische bezwaren”

Dit werd mij toegefluisterd door een tante, toen ik als puber met ogen vol vuur een schitterende wereld schetste.

Mijn broer die zag hoezeer ik hierdoor uit het veld geslagen was haastte zich om me te vertellen dat het regels waren uit “Het Huwlijk” van Willem Elsschot, en dat de droom ging over de moord op de echtgenote.

En toch.

Deze regel typeert de cultuuur waarin ik opgroeide. Niet alleen thuis, ook op scholen, universiteiten en instanties kreeg ik steeds deze boodschap mee.

Nu pas besef ik hoe deze boodschap mij zelf als loopbaancoach in de weg heeft gezeten.

Waar ik steevast schitterende mensen zag met ongelofelijke mogelijkheden, gaf het UWV, als opdrachtgever, ijzeren beperkingen mee, als voetkettingen:
– liefst terug in eigen werk (waar mijn klanten vaak niet voor niets uitgeknald waren)
– geen tijd voor oriëntatie, gewoon aan de slag, solliciteren, en snel een beetje
Het scholingsbudget was al lang op.

Nu besef ik volledig waarom dit vreselijke spel met mensen mij zo’n pijn deed.

Want dát is de afspraak: 
Leuk die dromen. Laat eerst maar eens zien dat je het spel volgens onze regels kunt spelen.  En kom dan nog maar eens terug.

Gisteren ontmoette ik weer schitterende mensen met schitterende mogelijkheden.

En nu weet ik dat een verwaterde versie van die mogelijkheden geen optie is.

Het is géén optie om op een plek te zitten waar ze niet zien waar jouw echte waarde zit.

Gewoon niet, punt!

Je doet dit niet alleen jezelf aan, maar ook de wereld, want hoe kunnen we nu van je genieten als je niet kan stralen?

Het ergste van alles is dat, als je maar lang genoeg op die plek bijft, je het zelf gaat geloven.

Daarmee worden je vleugels afgeknipt.

Maar ik weet dat ze weer kunnen groeien.

Dan is het niet meer nodig om je op de kop te laten zitten door ‘de regels van het spel’.  Het is zelfs niet meer nodig om je af te zetten tegen die regels. 

Dan vlecht jíj je eigen regels door het spel heen.

Ik heb het met eigen ogen gezien, sterker nog, ik heb het zelf ervaren.

Doe jezelf en de wereld een plezier, en neem vliegles.

 

Ik houd chocoladeclub avonden. Interesse?

 

Please follow and like us:

over signaalangst, en dat je soms te slim bent

Hé jij,

wat ben je toch een moeilijk te openen cadeautje.

Want als ik met jou over laagjes begin . . .

dan denk jij aan de laagjes die je kwijt bent, en dat is gaaf, maar je hebt niet door dat je intussen ook een paar nieuwe in stelling hebt gebracht.

Stiekemere.

En als ik je daar op ga wijzen kunnen er twee dingen gebeuren:

  1. Je ontkent heftig, want ze zijn écht heel slim, die laagjes. Goed verstopt, ook voor jezelf.
  2. Je schrikt: Ojee! toch nog iets niet goed aan mezelf. Help, ik dacht dat ik al zo ver was. Waah! Ik deug ook nergens voor. Enzovoort.

Bij de eerste, laat ik je los. Wat je niet ziet, wat je niet voelt,  kun je niet aangaan. (En nou maar hopen dat je niet stiekem toch nummer twee gaat voelen, als ik weer weg ben)

Bij de tweede zou ik je handen nog even willen vasthouden, en zeggen: “Rustig nou maar, iedereen heeft vermijdingsmechanismes. Durf jij de jouwe te ontdekken?”

 En dan zeg je ja.

En dan hoop je dat ik je er zo even op kan wijzen, en dat je dan denkt: “oja, verhip! dat doe ik. Oh, daar trap ik niet meer in dan.”

uh uh

Nee dus.

Want zo werkt het niet.

Wat wel werkt is samen de schaamte opzoeken.

Maar ja, dat is spannend, want juist jóuw schaamte wil je niet ervaren.

, die van anderen, en de algemene schaamtes die je zoal kunt hebben.

Há!  Ja, die zijn gesneden koek voor je. Want je hebt gelijk, je bent ook al heel ver.

Maar net die ene?

No way!

schreeuwt je signaalangst.

O, die moet ik misschien even uitleggen, die signaalangst.

Nou, het zit zo:

Jouw specifieke schaamte is zo pijnvol dat je brein er voor zorgt dat je daar niet eens in de buurt gaat komen. Die gaat waarschuwingssignalen geven, al kilometers van te voren. Dat signaal is angst. Die angst is vaag, maar je brein reageert met een hele slimme afleidingsmanoevre om je uit de buurt te houden.

Dus daar kom je niet.

En ik ga niet lopen duwen of trekken.

Ik wil wel met je, hand in hand, héél voorzichtig verkennen.

En voelen.

Zodat je daarna kunt oefenen. In hele kleine stapjes.

 

Durf je?

 

 

Ik heb chocoladeavonden, die heel fijn en veilig zijn, en ook een beetje spannend.

 

O, en om je gerust te stellen: het gaat dus niet om een of ander diepduister zwart ding, diep binnenin jou.

Het is gewoon, zo’n licht, ielig, beetje pluizig, goh-hoe-heet-het-ook-al-weer dingetje, best lief, eigenlijk, als je het eenmaal ziet.

Please follow and like us:

De Amygadala en de kaping van de je hersenen

Beest

Er huist een beest in mij
dat onverwacht
mijn vreugde in de diepte sleurt,
als een krokodil zijn prooi
wentelt en wentelt
de adem beneemt.
Er klinkt de geur van bitterheid.
Ik dood het niet,
het beest.
Het is mijn draak
die slapend waakt
over mijn schatten.
Soms heeft het een kwade droom.
Met bloedende handen
aai ik dan zijn schubben.

Ik schreef dit  vijf jaar geleden.

Kennelijk voelde ik de aard van het beest haarfijn aan, inclusief de notie dat het er was om me te beschermen.

In mijn opleiding leerde ik de naam kennen van het Beest.

Het is de Amygdala.

Het is inderdaad een draak die schatten bewaart,
een draak die dat niet altijd even subtiel doet.

Als ie denkt dat er gevaar dreigt mobiliseert  de Amygdala je complete brein om je te verdedigen. (The Amygdala Hijack)

WHAP ! !

Geen plaats meer voor relativerende gedachten, alle routes naar zelfcompassie afgesneden.

Staat van beleg!

Huifkarren in een kring, het enige dat je ziet is zijn de gevaren die joelend op hun paarden rondjes om je heen rijden. Ze roepen alle oordelen die ooit naar je hoofd geslingerd zijn, en die je hebt ingeslikt.

Er valt inderdaad weinig anders te doen dan het aaien van de schubben, en ja, dat doet zeer.

Is dat het dan?

Ja dat is het dan. Dit is niet te voorkomen. Die kuil is niet altijd te omzeilen.

Je kunt wel leren om er sneller uit te klimmen.

To the rescue!

The cavalry!

De prefrontale kwab.

Want er is één weggetje die de Amygdala over het hoofd gezien heeft. Eén weggetje om hulp te halen: de cavalerie,  je prefrontale kwab.

Je prefrontale kwab springt tussen de huifkarren door. Hij komt op zijn hurken naast de belaagden zitten, duwt met zijn hand heel zachtjes het geweer naar beneden, en zegt: “Kijk eens goed? Het zijn je eigen gedachten, daar op die paarden.”

Die heb je eerder gehoord. Sterker nog, het was één van de dingen die ze schreeuwden, daar op die paarden. “En je kunt niet eens je eigen gedachten in bedwang houden!” Maar nu, is het je prefrontale kwab die het zegt, en niet de aangewakkerde angst. Het is met liefde gefluisterd. Met een hand op je schouder.

Het wordt rustiger. Het stof heeft tijd om te gaan liggen. 

Dat weggetje naar die hulp zit aan de linkerkant van je hersenen.
Dat weggetje is groter te maken.

Door te oefenen.

In héle kleine stapjes.

In een veilige omgeving.

En weet je?

Onder al die pijn ligt schaamte.

En die schaamteplek mag je met liefde betreden.

Aaien helpt, en ja je handen zullen bloeden. 

 

Please follow and like us:

Zó zet je een volgende, cruciale stap

“Als ik je vanmorgen gevraagd had te doen wat je nu op het punt staat te doen, hoe eng was dat geweest, op een schaal van 1 tot 10?”, vroeg mijn coach.

Ik aarzelde geen moment:  “Een dikke tien! “

“En nu? “

Ik had de tekst al geschreven. Dat vergde al zo’n beetje alles. Maar ze klopten, de teksten. Ik had ze nog een keer nagelezen. Het klopte wat er stond.

Zo voelde het.

Ik hoefde alleen nog maar op ‘send’ te drukken.

“Een vier”, antwoordde ik.

Precies uitdagend genoeg voor een volgende stap“, zei mijn coach met een glimlach.

Mijn coach is Xandra. Vreemd, want ze is ook al jaren mijn vriendin.

En oh, wat ben ik blij dat ik haar als coach gehuurd heb, want dit gesprek zou ik niet in een vriendschapsrelatie gewild hebben.

Die volgende stap.

Mezelf zichtbaar maken.

Wat heeft dat een boel lagen.
Ik was al behoorlijk zichtbaar.
Ik heb er geen probleem mee om mijn kwetsbare kant te tonen.
Ik had zelfs al een verkooppagina geschreven,
én een pagina met mijn aanbod,
mét prijzen!

Hm hm 

Maar dit.

Dit gaat om een persoonlijke uitnodiging aan mogelijke klanten. Mensen die ik al kén.

Mensen die ik ontmoet heb vanwege dezelfde interesse. Mensen die zich herkennen in mijn teksten.

Maar die mensen voelen intussen als vrienden.

Je gaat toch niet iets verkopen aan je vrienden?

Wat zullen ze wel niet denken?

“O, dus onze vriendschap was er voor jou alleen maar om aan te verdienen?”

Die gonst door mijn hoofd.

Ik zie de tegenstelling met het feit dat ikzelf juist blij ben dat ik een vriendin betaal voor coaching, en dat het de vriendschap juist zuiver houdt.

En toch.

“Ben ik er alleen voor je om aan te verdienen?”

Het gonst nog steeds door mijn hoofd.

Hoe leg ik in vredesnaam uit dat ik dat niet zo zie?

Niet.

Ik kan dat niet uitleggen zonder mijn aanbod af te zwakken.

En jezelf afzwakken is nu precies één van die dingen waarvan ik mijn klanten gun dat ze het niet meer doen. Dus moet ik dat ook kunnen, niet afzwakken. Niet alleen op al die andere gebieden, maar juist precies hier op mijn pijnpunt.

Echte moed voelt niet als moed.

Echte moed voelt heel alleen (nou ja, ik had mijn coach) , en reuze kwetsbaar.

En toch.

Het staat op schrift:

Wat ik mijn vrienden gun.

En de rol die ik daar in kan spelen.

Ik ga het versturen.

Please follow and like us:

Over mislukt voelen

Mijn  hele leven voelde ik me mislukt. Behalve toen ik nog te jong was om dat door te hebben.

Blissful ignorance!

Ik ben een dichter in mijn hart, en de wereld is niet aardig  voor dichters.

Pas zes jaar geleden kreeg ik het begin van het gevoel dat mislukt zijn, misschien niet iets is dat voor altijd hoeft te duren.

Ik schreef op 30 december, precies 6 jaar geleden deze post.

Ik eindigde zo:

Dus mijn wilde plannen toetsen op wat ik écht wil.

En wat ik echt wil is de hekken weg.

Ruimte voor wie we echt zijn.

 

Het was een bumpy road, de weg naar nu. Wat zeg ik, wás?!  De weg is wilder dan ooit.

Maar ik voel me niet meer mislukt. Ik weet nu ook eindelijk waaróm ik me al die jaren zo voelde.

Dat kwam doordat ik van de ene kuil in de andere rolde. Allemaal getriggerd door rejection sensitivity.

Als je een dichter bent sta je wijd open.

Heel weids,

en altijd.

Je voelt, hoort, ruikt, ziet de wereld zoals die op zijn mooist is.

En ook op zijn lelijkst.

Je bent een dichter, for better or for worse.

One look, one smell, one sound, one word. And your brains light up like a christmass tree. (or is it fireworks?)

 

Dus miste ik de aansluiting met mensen die niet zagen wat ik zag.

Ik moest geld gaan verdienen, een baan zoeken. En overal in de wereld van het geld waren mensen die het niet zagen. En als ze het wél zagen hielden ze het voor zich. Want die schoonheid is leuk een aardig maar brengt geen brood op de plank.

Ik  vóelde het gemis, het deed pijn. En omdat ik niet iemand anders kon zijn bleef ik met mijn open wonden doorploeteren.

Ik werd steeds gevoeliger voor afwijzing. Ik zag het zelfs als het er niet was. De afstand tussen mij en de wereld leek alleen maar groter te worden.

Totdat ik ging bloggen.

Over alles wat er binnen was. Nu mocht het naar buiten. En ik vond herkenning. Er was verbinding. Er waren anderen die het ook zagen, voelden.

En ik leerde een ander woord voor dichter.

Hoogsensitiviteit.

Het was gewoon de manier waarop mijn hersens werkten.

Het anders zijn, het hevig voelen.

Het was niet omdat ik mislukt was. Ja, ik was mislukt in het niet-dichter zijn.

Maar het was al die tijd juist de bedoeling dat ik een dichter zou zijn.

Ik kreeg ontelbare malen het woord ‘dromer’ a;s scheldwoord naar mijn hoofd geslingerd. Ik had nooit door dat het eigenlijk een compliment was.

En hoewel ik nooit heb geprobeerd een ander te zijn, heb  ik wel mijn  stinkende best gedaan om wat minder dichterig te lijken.  Het enige wat het deed: het maakte me flets en vaal.

Ik weet dat ik niet mislukt ben. Ik ben precies wie ik moet zijn.

Soms voel ik de zwaarte nog. De zwaarte van het mislukt zijn. Maar ik weet dan dat ik op zo’n moment heel lief mag zijn voor mezelf. Want het is niet waar wat ik voel.

Dat wil zeggen, het is niet waar wat mijn hersenen aan dat gevoel willen koppelen.

Oude mechanismes schud je niet zo maar even van je af.

Maar ik herken ze, de mechanismes.

Beest

Er huist een beest in mij
dat onverwacht
mijn vreugde in de diepte sleurt.
Als een krokodil zijn prooi
wentelt en wentelt
de adem beneemt.
Er klinkt de geur van bitterheid.
Ik dood het niet,
het beest.
Het is mijn draak
die slapend waakt
over mijn schatten.
Soms heeft het een kwade droom.
Met bloedende handen
aai ik dan zijn schubben.

(21-3-2013)

 

Ik dood ze niet, mijn mechanismes. Ik speel met ze, soms tot bloedens toe.

Zo transformeer ik ze.

En zo herwin ik mijn kracht.

Zo stap ik op de wereld af, want die zit op me te wachten.

Het is namelijk tijd dat veel meer mensen gaan zien hoe mooi die is, en hoe mooi ze zelf zijn.

 

Liefs

Emma

Please follow and like us: